Profvoetballer in België verdient gemiddeld jaarlijks 211.000 euro bruto

Voor het tweede jaar op rij schetste onderzoeksbureau Deloitte de socio-economische impact van de Pro League op de Belgische economie. De twee meest interessante vaststellingen? Een profvoetballer in België verdient gemiddeld jaarlijks 211.000 euro bruto en de vijf grootste makelaars strijken vier keer zoveel commissies op als hun concurrenten. 

De spelerslonen vormen de grootste kost voor een club uit de Pro League. De loonkosten bedroegen 56 procent in het seizoen 2017/18. Acht clubs overschrijden zelfs de drempel van 70 procent. Een profvoetballer verdient gemiddeld jaarlijks 211.000 euro bruto. Er is evenwel een groot verschil in loon tussen de G5-clubs, de K11 uit 1A en de clubs uit 1B. Het gemiddelde loon in de G5 bedraagt 323.000 euro, wat een stuk hoger ligt dan de lonen van de K11 (187.000 euro) en de Proximus League (90.000 euro). Op die manier wordt 52 procent van de totale lonen uitbetaald door Racing Genk, Club Brugge, Anderlecht, AA Gent en Standard. De belastingheffing voor Belgische voetballers bedraagt 21%. Dat is veel minder dan bij de gewone werkmens, waarbij dat percentage kan oplopen tot meer dan 50%. Volgens de clubs is dat lage belastingpercentage noodzakelijk om de concurrentie te kunnen aangaan met andere Europese clubs. 

Een andere opmerkelijke vaststelling is de rol van de supermakelaars. De totale commissies uitgekeerd aan makelaars bedroegen 37 miljoen euro. Dat omvat inkomende en uitgaande transfers en bemiddeling, zoals het onderhandelen over contractverlengingen. Opvallend: afgelopen seizoen waren er 245 makelaars actief in België, maar een handvol ervan streek het merendeel van de commissies op. De top vijf verdiende gemiddeld 2,6 miljoen euro, hun gemiddelde commissie ligt zo liefst vier keer hoger dan die van de makelaars op de plaatsen zes tot vijftien. 

Jeugdopleiding
Verder zorgden de Belgische clubs dit seizoen voor 3.710 jobs, een stijging met vijftien procent tegenover vorig seizoen. Ook de operationele inkomsten van de Belgische voetbalclubs (bijvoorbeeld ticketverkoop, tv-rechten, sponsoring) gingen erop vooruit. Een minpuntje hier: omwille van de tegenvallende Europese campagnes verminderde het prijzengeld van de UEFA . Met 31,2 miljoen euro verdienden onze clubs in Europa een derde minder in vergelijking met vorig seizoen. Toch is de inkomstengroei van de Jupiler Pro Leagueclubs aanzienlijk met een stijging van 11 procent tussen seizoen 2013/14 en 2016/17. Afgetoetst met vergelijkbare Europese competities (Portugal, Denemarken, Nederland, Zwitserland en Oostenrijk), lieten alleen de Portugese clubs een sterkere groei optekenen. 

Ook belangrijk om mee te geven: de wereldwijde tendens van voortdurend stijgende spelersprijzen zet druk op het Belgisch model. Een belangrijke bron van inkomsten waarop Belgische clubs op vertrouwen, zijn immers de uitgaande transfers. Hoewel het nettoresultaat van de transfers van afgelopen seizoen 73,3 miljoen euro bedroeg, betekent dit wel een daling tegenover de 97,1 miljoen euro van het seizoen 2016/17. De clubs zijn wel degelijk nog steeds in staat om stabiele inkomsten te genereren door spelers te verkopen, maar ze besteden dus ook steeds meer geld om nieuwe spelers aan te trekken. “Die transferuitdagingen roepen wel kansen in het leven om zich nog meer te richten op spelers uit de eigen jeugdopleiding”, zegt CEO van de Pro League Pierre François. Wat ook gebeurt. Belgische voetbalclubs moeten verplicht een vast bedrag investeren in jeugdspelers. In 2017 investeerden de clubs 42 miljoen euro in jeugdspelers en jeugdtrainers, wat 2,4 keer meer is dan wettelijk vereist.