"Nederlands is bindmiddel in Brusselse Rand"

"In de gemeenten rond Brussel moet er een gemeenschappelijk bindmiddel zijn, en dat is het Nederlands", zegt minister van Vlaamse Rand Ben Weyts (N-VA) in 'De Meulemeester in Debat: De Burgemeesters', het online debat programma van VTM NIEUWS. "Nieuwkomers moeten zich aanpassen aan de omgeving, en niet omgekeerd."

Minister Weyts was dan ook helemaal niet opgezet met recente voorstellen van het Gemeenschapsonderwijs en het Katholiek Onderwijs om kinderen die thuis een andere taal dan het Nederlands spreken, ook toe te laten om die taal op school te spreken. "Ik schrik ongelooflijk dat N-VA dan de enige partij is die zegt: 'Zal het een beetje gaan?'. We hebben geen nood aan minder, maar aan meer Nederlandstaligheid", zegt Weyts.

(Lees verder onder de video)

Superdiversiteit
Maar kan dat nog wel in de Vlaamse Rand? De cijfers liegen er niet om. Zo heeft in Asse bijvoorbeeld 44 procent van de kinderen een moeder die niet-Belg is, in Vilvoorde is dat zelfs ruim vijftig procent. En in totaal heeft dertien procent van de randbewoners een buitenlandse nationaliteit.

(Lees verder onder de video)

Kavels voor mensen uit streek
Om integratie goed te laten verlopen, moet de voedingsbodem van Vlamingen groot genoeg blijven in de Rand en moeten we voorkomen dat jongeren er wegtrekken, vindt Weyts. “Om dat tegen te gaan, moeten we ingrijpen op de private sector”, zegt hij en heeft daarom al een concreet voorstel klaarliggen in het Vlaams parlement. “Van nieuwe kavels moet een deel exclusief worden voorbehouden voor mensen die een band hebben met de gemeente in kwestie.”

Wat ‘een band hebben’ dan betekent, kan Weyts nog niet exact uitleggen. “Dat kan gaan van er geboren zijn, over er al enkele jaren wonen, of er zelfs werken. Het gaat hem om het recht op wonen in eigen streek", sluit Weyts af.