Crevits wil één procedure tegen grensoverschrijdend gedrag

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) wil dat er in alle Vlaamse hogescholen en universiteiten een zelfde manier van aanpakken van grensoverschrijdend gedrag komt. "Al die instellingen hebben wel een vertrouwenspersoon, maar de procedures verschillen sterk van elkaar. Het is van belang dat daar helderheid en transparantie in komt", zei ze deze middag in VTM NIEUWS.

"Het is zeer goed dat de problematiek eindelijk ter sprake komt. We moeten het momentum aangrijpen om duidelijke afspraken te maken", aldus Crevits. Het komt er voor de minister op aan dat hogescholen en universiteiten dezelfde manier van aanpak uitwerken. "Ik heb gevraagd de krachten te bundelen en een open procedure te ontwikkelen."

Geen impact op punten
Dat moet ervoor zorgen dat elke student die met grensoverschrijdend gedrag wordt geconfronteerd of een docent die iets vaststelt, weet dat hij met zijn of haar verhaal ergens terecht kan, dat er iets mee gebeurt en dat ze erop kunnen rekenen dat het verhaal niet wordt misbruikt. Met andere woorden: dat hun punten er niet onder lijden of hun loopbaan geen impact ondervindt.

Van een centraal meldpunt is de minister geen voorstander, want daarmee wordt opnieuw een extra structuur in het leven geroepen.

Klachten directeurs
Crevits reageerde ook op de kritiek van de schooldirecteurs. Die trokken deze week opnieuw aan de alarmbel omdat ze de werkdruk niet meer aankunnen. “Het is al meer dan twintig jaar dat directeurs van lagere scholen meer respect en meer omkadering vragen”, aldus Crevits.

“Het is correct dat het water hen aan de lippen staat, maar een directeur hoeft er niet alleen voor te staan. Lagere scholen kunnen de krachten bundelen en praktische zaken regelen. Directeurs zijn in de eerste plaats verantwoordelijk voor hun personeel. Het kan niet dat zij daarnaast nog 101 andere klusjes moet doen.”

Crevits ziet volgende week donderdag een delegatie. “Ik zal kijken hoe ik de toekomst voor hen beter kan maken, maar daar moet ook budget voor zijn en dat zullen we binnen de regering moeten beslissen.”