COLUMN: Silence please

Een column van Floris Geerts na zijn eerste ervaringen als voetbalcommentator bij een match achter gesloten deuren. 

Wanneer ik arriveer bij een wedstrijd zijn de stadions bijna leeg. In mijn hand draag ik een koffertje met mijn commentaarskit, op de rug een tas met mijn voorbereiding. In de perszaal druppelen meer en meer journalisten naar binnen. Tot zover gaat de vergelijking van een doorsnee competitiewedstrijd op met Standard – Sint-Truiden. Die affiche van de tweede speeldag is mijn eerste wedstrijd achter gesloten deuren. Ervaren collega’s hebben me op voorhand de daver op het lijf gejaagd over de verschrikkelijke sfeer die er heerst bij zulke wedstrijden.

Wanneer de spelers aan hun opwarming beginnen, weerklinkt dreunende muziek. Niet van in het stadion maar vanop een parkeerterrein aan de overkant van de straat. Daar zijn enkele duizenden supporters samengetroept voor een groot scherm. Hun vocale steun weergalmt tegen de tribunes. Wikipedia leert me dat het natuurkundige effect muurecho heet. Weer wat wijzer klim ik door de lege trappenhal naar mijn commentaarspositie. Ik denk nog even aan de horrorverhalen van mij collega’s en besluit er toch het beste van te maken.

Dat doen ook de supporters. In de eerste tien minuten komt een schuchter ‘Aux armes!’ het stadion binnengedanst. Standard tikt de eerste kansen bij elkaar en de bekende koorzang verdampt even later. Zo voelen tenniscommentatoren zich dus: alleen het geluid van de sport terwijl een zwijgend publiek zelfs de adem inhoudt. Dit is gewoon de voetbalvariant denk ik. Tot Standard scoort. Sclessin barst op zulke momenten zowat uit z’n voegen. Nu weergalmt mijn commentaar tot aan de tweede ring. Plots besef ik dat die hele tenniswereld de bal totaal misslaat. Alsof Alexandre Boucaut voor iedere aanvalspoging een beleefde “silence please” zou vragen aan een wild zingend publiek. Sport gedijt beter met beleving. De fans moeten boe en awoert kunne roepen, juichen na doelpunten, huilen na nederlagen.

Aan de overkant van de straat doen ze nog een paar keer hun best om de sfeer in het stadion te brengen. Al worden die pogingen schaarser. Zeker wanneer dat publiek beseft dat Sint-Truiden geen punten zal pakken. Na ruim een uur voetbal begint de fun er ook bij mij stilaan af te gaan. Niet alleen de supporters en Standard zijn (weliswaar terecht) gestraft, ook de journalisten in het stadion en de liefhebber voor de televisie. 

Uiteindelijk fluit Alexandre Boucaut voor het einde van de wedstrijd. Het typisch vreugdegeluid hoeven de Standard-spelers ook niet te verwachten. Zij trekken meteen naar de kleedkamer, een ereronde zou belachelijk zijn natuurlijk. Die wedstrijd achter gesloten deuren streep ik van mijn mentale bucket list voor de sportcommentator. Nee, voor mij hoeft hier niet meteen een vervolg te komen. Hopelijk denken die dwazen nog eens na als ze een vuurpijl naar het veld gooien, want ik blijf het wel een correcte straf vinden voor wangedrag op de tribunes.

4 keer gelezen