COLUMN: De Griekenland-variant

Een column van voetbalcommentator en -reporter Dirk Deferme over de twijfels die Antoine Griezmann en Dimitri Payet zaaien. 

Frankrijk heeft twee spelers die voor twijfels zorgen: Griezmann en Payet, de doelpuntenmakers van gisteren. Er wordt getwijfeld in Albanië, Engeland, Duitsland en Nederland. Vanzelfsprekend ook bij ons en, ook in Frankrijk zelf. In de ene hoek van het land zeggen ze daar Payet zoals je het zou zeggen als je geen Frans kan. Payet zoals het er staat. Daar laten ze de –t horen. Op andere plaatsen zeggen ze Payè en zonder –t. Ondertussen heeft Dimitri Payet er al twee ingeknald en de twijfel wordt daardoor groter, want er wordt nog meer over hem gesproken.

Het geval Griezmann leeft al langer en volop sinds het afgelopen Champions League-seizoen. Misschien kostte het hem gisteren zijn basisplaats want hij begon op de bank. Is het Griezmann zoals het er staat, met de –ie van griesmeel en Griekenland of Gri-YES-man? We zijn nog niet klaar met Frankrijk want ze hebben ook nog Coman, Schneiderlin en Lloris. Ik bespaar u de twijfels rond de uitspraak van de naam van de rechtsbuiten van Bayern, de middenvelder van Manchester United en de keeper van Tottenham (Tot-nem uitspreken aub).

Er zijn veel bronnen, natuurlijk. De meeste sprekers maken hun huiswerk. Ze kunnen een taalraadsman raadplegen en volgen of ze kunnen zeggen wat de meesten zeggen of wat ze zelf al jarenlang zeggen. Voor het EK 2016 is er een uitspraakgids van UEFA, een primeur. Wat al langer bestaat is Forvo, een website met uitspraaktips. Daar vind je soms, bijvoorbeeld voor Griezmann, meerdere versies. En ze zijn hoffelijk want ze vragen altijd om hulp. Zij blijven twijfelen. Een heel goede basishouding want ik heb een hekel aan mensen die alles zeker en beter weten. Forvo blijft onderzoeken en vraagt beleefd: Kun je dit beter uitspreken? Heb je een ander accent? Laat het ons weten. Ze erkennen dat er verschillende uitspraakmogelijkheden zijn.

In nogal wat huiskamers is de “foute” uitspraak van een naam een verschrikkelijke ergernis. Dat houdt de commentatoren echt bezig, want iemand ergeren is het laatste wat we willen. Het mag ons wel niet verlammen. Uiteindelijk als we daar zitten, moeten we wel iets zeggen. We kunnen niet bezig blijven met het zoeken naar de enige echte correcte uitspraak. En de ene keer op spoor zus en in de tweede helft al op een ander spoor, dat kan ook niet.

Het lijkt eenvoudiger dan het is. Je kan het inderdaad aan de speler zelf gaan vragen. Zo simpel is dat vandaag de dag niet meer. Vroeger zei de Degryse gewoon tegen je dat het Degrieze moest zijn en iedereen bleef Degrijze zeggen. Hij zei het mettertijd ook. Je kan nu niet meer zomaar op audiëntie bij Griezmann of Payet of Witsel (Axel of Axelle? Witsel of Witselle?). Kan je geloven dat die spelers vaak zeggen dat het hen niks uitmaakt? Of dat die zeggen: het is waarschijnlijk zus maar ik heb het liever zo? Het is nochtans echt waar en echt gebeurd.                                           

Ik luister altijd goed naar de stadionomroeper, dat is voor mij een bron, en bij twijfel blijf ik zo dicht mogelijk bij wat er staat want dat is wat de meeste mensen verstaan en zelf zeggen.

Griezmann, in de Griekenland-variant, Payet op zijn Frans zonder –t, en Witsel met de vrouwelijke elle aan het einde.

PS: Bij mij speelt Witsel altijd!

3 keer gelezen