Column: Wezel Sport FC

Een column van voetbalcommentator en –reporter Dirk Deferme over de bakken kritiek die Marc Wilmots de voorbije twee dagen te verwerken kreeg van de 11 miljoen bondscoaches in ons land en zijn onbestaande palmares.

We leven nu in onzekerheid, met twijfel, we zitten met een knoert van een inuendo. Het is heel dubbel, het kan lukken of niet. We geraken er of niet. We insinueren iets zonder expliciet te zeggen wat. Een inuendo. Een typisch geval van voetbalpraat of van een discussie via de openbare kanalen waaraan heel veel mensen deelnemen. Typisch is dat de uitkomst niet belangrijk is. Het is het twistgesprek dat amuseert. Ook al is de match zo dood als een pier, de discussie is levendiger dan ooit. En dat is goed. Veel beter dan op straat vechten met de Russen en de Engelsen.

De driekleur hangt er nog. Zo goed als overal. Kijk nog eens naar al die vlaggen. We zijn nog altijd in de eerste plaats gewoon blij dat we er bij zijn in Frankrijk. Zoals IJsland en Hongarije. Ondertussen heeft het wel gewaaid en geregend en hebben we de eerste match verloren. IJsland en Hongarije hebben wel al punten. Het is schattig dat het zwart-geel-rood daar nu slap en nat hangt te hangen. Niemand haalt de vlaggen weg. Standvastig zijn we. De rust die uit het Bordelese kamp van de Belgen komt, helpt ons en is prijzenswaardig. Wat mij betreft is de sereniteit al helemaal terug of nooit weggeweest. Neen, ik was niet goed, zei Kevin. Ik heb een schop gekregen, klaagt Eden. Overklast, zei Thibaut. De rangen sluiten, zegden Jan, Thomas V. en Axel. Laat ze maar babbelen ginder, vergaderen, trainen en FIFA 2016 spelen op kosten van de UEFA. Ze doen dat daar goed.

Twaalf kilometer minder gelopen dan de Italianen, daar schrok ik wel van. Wilmots: “Wie minder kwaliteit heeft moet meer lopen.” Briljant! En het mag dus al geweten zijn dat we minder zullen lopen dan de Ieren en de Zweden.

Wilmots is een leider. Een manager. Niet uit zijn lood te slaan. Hij twijfelt niet. Ook al is hij een manager zonder palmares. Niet eens het kleinste prijsje. Op resultaat mogen en moeten we hem, en de spelers, straks wel afrekenen. In het geval wij met een kater zitten en zij alweer snel overgaan tot de orde van de dag. Hij gaat, zij blijven, zo zal het gaan. 

Intrinsieke klasse hebben onze spelers. Daarom spelen zij waar ze spelen en worden ze zo duur betaald. De rest, de verzorging, de infrastructuur, de omkadering, de watten waar ze in liggen en de coach zijn een toegevoegde waarde. Met goede spelers die goed spelen, win je wedstrijden. De coach? On top. Hij is niet de basis van het succes.

Hoeveel coaches met een palmares heeft België ooit gehad? De beste (halve finale WK ’86, finale verloren in ’80) had er een: 1956, kampioen in Derde met Cercle; 1960, kampioen in Vierde met Wezel Sport; 1967, kampioen in Tweede met Beveren. Wezel ligt in de Kempen, op het grondgebied van Balen en Mol.  

Tot slot: er waren gisteren maar twee wedstrijden dus was er wat tijd voor wat komen gaat. Ik ben beginnen bellen en botste overal op een muur van prietpraat. Hulp is dus welkom. Ik gooi de vraag in de groep omdat de eigen navel al snel weer aandachttrekker numero uno wordt. Wie weet wie de nieuwe coach van Anderlecht wordt? Iemand?