"De onverbeterlijke badmeester"

AA Gent – Zulte Waregem was dinsdag mager 1-0. Maar de landskampioen plaatste zich wel als eerste voor de kwartfinale van de beker en draait al bijna anderhalf seizoen op volle toeren. De Buffalo’s zijn onze beste ambassadeur in de Champions League in jaren. De aansluiting bij de groep van topclubs die met regelmaat meedoen voor de prijzen is sinds de verhuis naar de Ghelamco Arena nagenoeg instant een feit. Deze club komt nochtans van veel verder dan het Ottenstadion in de Bruiloftstraat. In een gevecht met de schulden waren de hoofdrolspelers niet de voetballers en de coaches, maar het management met de onverbeterlijke badmeester Louwagie als superster achter de coulissen.

Michel Louwagie, Bruggeling, ex-speler van Cercle, was competitiezwemmer met een Belgisch record op de 200 meter rugslag en kampioen op de 100 meter rugslag in 1974. Hij werd licentiaat Lichamelijke Opvoeding aan de RU Gent en is sinds lange tijd bestuurder van de zwembond. Hij is de zittende voorzitter van de Koninklijke Belgische Zwemfederatie.

In 1989 solliciteerde hij bij AA Gent. Daarvoor was hij docent aan het Hoger Instituut voor Lichamelijke Opvoeding en pr-man van het zwembroekenmerk Speedo. In februari 1990 begon hij voor AA Gent te werken. Intussen is hij er 25 jaar. Sinds 1993 als algemeen manager met sportieve bevoegdheden.

Hij heeft de hele moderne geschiedenis van het voetbal van binnenuit meegemaakt. Johan Boskamp noemde Michel Louwagie ooit ‘de badmeester’. Misschien noemt hij hem nog altijd zo, maar dat zou van weinig eerbied getuigen. Boskamp is cassant, een roeper en een romantische voetbalman. Hij coachte AA Gent in 1997-’98. Hij wilde verjongen en vernieuwen, en dat kostte geld. De club wilde dat ook, maar niet ten koste van alles. Met andere woorden: het mocht iets kosten, maar niet te veel. De ex-voetballer, het beest in de voetballer en de trainer vinden alles wat een inperking van de sportieve middelen betekent, verkeerd. Zij moeten niks hebben van bestuurders met een rekenmachine.

Louwagie moest saneren, en dat is altijd een ondankbare opdracht. Uiteindelijk lukte het hem om de schulden weg te werken. Alle beetjes hielpen. In het najaar van 1997 huurde Lierse het Jules Ottenstadion om er Champions League te spelen tegen Sporting Lissabon, Leverkusen en AS Monaco. Veel kan dat voor AA Gent niet opgeleverd hebben. De berg werd nog veel hoger en de put nog veel dieper. Uit een audit bleek dat er op 30 juni 1988 al voor 146 miljoen frank schulden waren. Ongeveer 3,6 miljoen euro. De nieuwe voorzitter, Jean Van Milders, kon de schuldeisers afhouden en een faillissement voorkomen. In 1999 werd er nog in franken gerekend. Schuldenlast: een half miljard. Alles samengeteld meer dan 12 miljoen euro. Dat liep op tot 15 en zelfs 23 miljoen euro opeisbare schuld in 2000.

Sindsdien heeft AA Gent in veertien seizoenen de sprong naar de Ghelamco Arena gemaakt. Vanaf 2000 gingen ze op zoek naar de geschikte locatie, kapitaal en partners voor hun Arteveldeproject. In 2003 koos men voor de site van de Groothandelsmarkt die pas later, in 2007, gesloopt zou worden. De bouwvergunning was voor januari 2008, in september 2008 werd de eerste steen gelegd. En volgende week speelt AA Gent er voor de derde keer zelf in de Champions League. Met als inzet: overwinteren in de beste competitie van de wereld.

De Match van het Jaar is een geschiedenis van de Pintjesliga. 1990 tot 2015. 25 seizoenen, 25 wedstrijden. In die wedstrijden vindt Dirk Deferme meer dan de som van de kwaliteit van het voetbal, het resultaat of de historische impact van een match. Vandaag leest u een fragment uit het hoofdstuk ‘Buffalo! Buffalo!’ over KAA Gent in het seizoen 1997 – 1998.

899 keer gelezen