De Wever trekt weer communautaire kaart

N-VA-voorzitter Bart De Wever haalt het institutionele dossier opnieuw uit de koelkast. Hij wil werk maken van "verdere stappen in de Vlaamse ontvoogding". Dat blijkt uit een persbericht dat De Wever deze namiddag verspreid heeft. Binnen de regering was een communautaire stilstand afgesproken.

De Wever heeft Kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters gevraagd "om een project uit te werken om het institutionele terug te operationaliseren." Vuye stapt daarvoor op als fractieleider. Volgens De Wever moet het project een antwoord bieden op kritiek vanuit de Vlaamse Beweging over "het ideologisch profiel van de partij." 

"Communautaire standstill respecteren"
Anderzijds benadrukt De Wever dat de N-VA "de afgesproken tijdelijke communautaire standstill" blijft respecteren. Toch wil De Wever "niet in de passiviteit blijven steken" en opnieuw "de institutionele toekomst van Vlaanderen voorbereiden."

Wat Vuye en Wouters precies gaan doen, is nog niet duidelijk. "Het is niet enkel de bedoeling om de N-VA-congresteksten rond confederalisme in wetteksten te vertalen en het communautaire discours te verdiepen", zegt De Wever, "zij moeten ook nieuwe en academische voorstellen formuleren, die breder gaan dan de partijpolitiek. En waarmee zij in dialoog treden met de samenleving." 

Integraal persstatement Bart De Wever

De afgelopen weken hebben verschillende prominenten binnen de Vlaamse Beweging hun bezorgdheid geuit over het ideologische profiel van de partij. Ik aanvaard deze kritiek ten dele. Bij de toetreding tot de federale regering heeft elke partij haar offer moeten brengen. 

Voor de N-VA betekende dat offer dat wij geen nieuwe communautaire ronde zouden krijgen. Enkel zo kon de MR – als enige Franstalige partij – toetreden tot de federale regering om werk te maken van broodnodige sociaaleconomische hervormingen.  

Wij hebben met onze partners een tijdelijke communautaire standstill afgesproken. En wij respecteren ons gegeven woord. Maar na gesprekken met de partijtop en enkele sleutelfiguren uit de Vlaamse Beweging, ben ik tot de conclusie gekomen dat wij niet in passiviteit mogen blijven steken. 

Een communautaire standstill betekent niet dat de Vlaamse Beweging moet stilstaan. Laat staan dat de ideeënstrijd moet gestaakt worden. Het dialectische proces van het formuleren van these en antithese gaat door. En als partij mogen wij in dat debat niet ontbreken.  

Daarom heb ik aan de Kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters gevraagd om een project uit te werken om het institutionele terug te operationaliseren. Vuye als professor staatsrecht en Wouters als expert in de Bijzondere Financieringswet zijn daarvoor de best geplaatste figuren. 

Vuye en Wouters moeten rond de partij een project opstarten die krachten binnen en buiten de partij verzamelt om te discussiëren over de verdere stappen in de Vlaamse ontvoogding. En om met mensen van allerlei gezindten samen de institutionele toekomst van Vlaanderen voor te bereiden. 

Het is niet enkel de bedoeling om de N-VA-congresteksten rond confederalisme in wetteksten te vertalen en het communautaire discours te verdiepen. Zij moeten ook nieuwe en academische voorstellen formuleren, die breder gaan dan de partijpolitiek. En waarmee zij in dialoog treden met de samenleving. 

Hendrik Vuye en Veerle Wouters hebben deze opdracht aanvaard en ik dank hen daarvoor. De werklast die deze taak met zich meebrengt, is echter niet combineerbaar met het voorzitterschap en het ondervoorzitterschap van de Kamerfractie. Hendrik Vuye en Veerle Wouters stellen daarom hun mandaat ter beschikking van de fractie. De Kamerfractie zal volgende week een nieuwe fractievoorzitter en -ondervoorzitter kiezen. 

Vuye zal zich de komende weken – samen met Wouters – bezighouden met het opstarten van dit project. Zodra dit vaste vorm heeft gekregen zullen Wouters en Vuye hun werkzaamheden voorstellen aan de pers. Ik wens hen daarbij alvast alle succes. 

Bart De Wever

 

Algemeen voorzitter N-VA