cdH zet lid uit partij om Armeense genocide

Brussels parlementslid Mahinur Özdemir maakt geen deel meer uit van het cdH omdat ze weigert de Armeense genocide te erkennen. Dat maakten de Franstalige humanisten vandaag bekend, nadat Özdemir eerder op de dag voor de deontologische commissie van de partij moest verschijnen. "De erkenning van een genocide verdraagt geen dubbelzinnigheid en vereist volledige klaarheid", zegt het cdH.

Op een reportage van de Franstalige commerciële zender RTL-TVi was gisteren te zien hoe Özdemir, een vrouw met Turkse roots, tot tweemaal toe - eerst in het Brussels parlement, nadien in het gemeentehuis van Schaarbeek - de camera's ontvlucht om geen vragen over de Armeense genocide te moeten beantwoorden. Voldoende reden voor haar partij om Özdemir voor de deontologische commissie te roepen. De erkenning van de Armeense genocide maakt namelijk integraal deel uit van de deontologische code van kandidaten en parlementsleden van het cdH.

Özdemir werd gevraagd te bevestigen dat ze de volkerenmoord van 1915 in het Ottomaanse Rijk erkent. Ze weigerde echter, "hetgeen indruist tegen de waarden van het cdH", aldus een mededeling. "De erkenning van een genocide verdraagt geen dubbelzinnigheid en vereist volledige klaarheid".

De deontologische commissie kon dus alleen maar vaststellen dat Özdemir "dit fundamenteel engagement van het cdH niet deelt" en nam er akte van dat ze geen deel meer uitmaakt van het cdH. Özdemir wordt gevraagd haar mandaten als Brussels parlementslid en Schaarbeeks gemeenteraadslid terug te geven aan de partij.