In pek en veren voor Ros Beiaard

In Dendermonde hebben gisterenavond zes mannen meegedaan aan de ‘wildemansloop’, de toelatingsproef voor de ‘Gilde der Vrijepijnders’. Daarmee stellen ze zich kandidaat om in 2020 het Ros Beiaard te dragen tijdens de volgende ommegang. In stroop (‘pek’) en veren moesten de mannen verschillende proeven afleggen.

De ‘Gilder der Vrijepijnders’ levert bij elke Ros Beiaardommegang, die om de 10 jaar plaatsvindt, de ‘pijnders’, ofwel de dragers, van het Ros Beiaard. Het Ros Beiaard wordt afwisselend door groepen van 15 ‘pijnders’ gedragen. Om voldoende leden te hebben tegen de volgende ommegang, op zondag 31 mei 2020, organiseerde de gilde gisterenavond een toelatingsproef. Daar stelden zich zes zogenaamde ‘wildemannen’, zoals de kandidaat-pijnders genoemd worden, zich voor.

"De zes leden moeten zich eerst voorstellen en toelating vragen om de proef te doen", verduidelijkt hoofddeken Gustaaf Mannaert (Gilde Der Vrijepijnders). "Vroeger werd hun ontbloot lichaam ingestreken met pek, maar dat is niet gezond, vandaar dat we nu stroop gebruiken. Daarna wordt hun lichaam beplakt met veren en als eerste proef moeten ze vijf kilometer door de stad lopen, opgejaagd door de andere pijnders."

Na de uithoudingstest volgt een tweede proef om hun kracht te testen, want het Ros weegt al gauw 1.200 kilo, met de kinderen erop. "Met een oude kraan moeten ze zakken lossen en op een kar laden, daarna moeten ze met zes zakken van vijftig kilo individueel een parcours rond de Grote Markt doen." Tot slot meten de zes kandidaat-pijnders zich met de echte pijnders aan de hand van een trouwtrekproef.

De sage van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen vindt haar oorsprong in de middeleeuwse ridderroman. De volgende Ros Beiaardommegang gaat door op zondag 31 mei 2020. Volgende week donderdag gaan tijdens de jaarlijkse Katuik ook de reuzen rond.