Ook topchef heeft (veel) guilty pleasures

"Mogen wij u de komende maanden lastigvallen?", die vraag stelde Luk Alloo in opdracht van VTM NIEUWS aan verschillende interessante Vlamingen die volop in de actualiteit staan. In de vierde aflevering is het vanavond de beurt aan Sergio Herman. Alloo leert ons de Zeeuwse topchef kennen als een professioneel bezeten man, maar ook als een man met humor, een pak guilty pleasures en emotionele reflectie.

De wagen van Sergio ontpopt zich tot een mobiel kantoor. De kok rijdt van hot naar her en praat over zijn guilty pleasures: “Ik doe 50.000 km per jaar en langs de snelweg koop ik al eens drop, een saucijzenbroodje of een broodje uit de muur. Daar kan ik echt van genieten en dan sta ik gewoon tussen de zware truckers. Het geeft mij een kick om hun gesprekken te horen." Maar het allerlekkerste volgens Sergio? "Dat is een Magnum Classic, zo kan ik er wel twee na elkaar eten. Ik heb er ook altijd in de ijskast zitten."

Luxefrieten
Luk Alloo volgde de masterchef tijdens enkele verschroeiend drukke dagen. Sergio Herman runt met The Jane en Pure C twee topzaken, maar de laatste weken is hij ook druk in de weer met de opstart van zijn allereerste servieslijn, de uitgave van een nieuw boek en de bouw van zijn jongensdroom: een hip havenrestaurant in Cadzand.

En dan zijn er ook zijn luxe frietzaken. Luk en Sergio trekken naar Den Haag waar hij zijn eerste ‘Frites Atelier’ geopend heeft. Er komen er nog in Utrecht, Amsterdam en Antwerpen. Het is een culinair zijsprongetje van de meester en af en toe rijdt hij zelf naar Den Haag om de kwaliteit van de frieten te controleren. “Ik heb jaren aan die specifieke aardappel gewerkt. Ik heb er nachten van wakker gelegen.” Sergio Herman geeft bewust zijn naam niet aan de nieuwe friethuizen. “Dat vind ik flauwekul, de frieten zijn van iedereen, niet van mij.”

'Sergio Herman-syndroom'
De topchef vindt van zichzelf dat hij door zijn intense job wat vervreemd is van de wereld. “Als je al 27 jaar in de keuken staat, hou je jezelf spontaan op de achtergrond. Ik was en ben nog steeds introvert. Maar als het moet, dan kom ik onder de mensen. Ik baal er soms van dat ik publiek bezit ben, maar die selfies neem ik er bij. Gelukkig heb ik elke zondag het 'Sergio Herman-syndroom', dan blijf ik thuis, please ik niemand en wil ik echt niemand zien, samen met de kinderen, de krant lezen, een kopje koffie, smartphone uit. Daar knap ik van op. Dan gaat het niet over mezelf.”

Herman vertelt ook dat het niet altijd makkelijk is geweest. "Ik had weleens avonden waar er niemand kwam. Ik ben ook heel blij dat ik dat heb meegemaakt. Ik weet ook hoe het voelt om alles te moeten doen. De wc's schoonmaken, tot afwassen enzovoort. Maar ik ben altijd in mezelf blijven geloven."

"Gerechje"
Kan de topchef eigenlijk lachen met de imitatie van Guga Baul in 'Tegen de Sterren op'? “Ja natuurlijk, het is fun. Ik hou wel van wat zelfspot. Vooral het dialect doet hij heel goed. Ook zijn manier van doen. Chapeau!”