David Bowie, excentrieke kameleon

De Britse zanger en artiest David Bowie is drie dagen na zijn 69ste verjaardag én het uitbrengen van een nieuw album, overleden aan kanker. Het Britse popicoon, bekend van wereldhits als "Ziggy Stardust" en "Let's Dance", geldt als een invloedrijk figuur in de popgeschiedenis. Maar Bowie had ook een onbedwingbare neiging om andere gedaanten aan te nemen.

Bowie wordt als David Robert Jones geboren, op 8 januari 1947 in Brixton bij Londen. In de jaren 60 is hij zanger en saxofonist bij verschillende bandjes. Om verwarring met Davy Jones, de zanger van The Monkees, te voorkomen kiest hij voor de artiestennaam David Bowie.

Excentriek
David Bowie verwierf zijn eerste bekendheid in 1969 met het nummer "Space Oddity". In de jaren 70 valt Bowie op door de vaak excentrieke personages die hij voor zichzelf creëert. Zo brengt hij in 1972 brengt het album "The Rise and Fall of Ziggy Stardust and the spiders from Mars" uit, een album over een buitenaardse rocker. Vier jaar later, op het album "Station to Station" is Bowie de 'Thin white Duke', een kille aristocraat.

Radiopresentator Zaki (71) die twee jaar ouder is dan de betreurde zanger, zegt dat hij eind jaren zestig, begin zeventig, meteen bij de eerste albums van Bowie doorhad dat hier een grote meneer was opgestaan. "Dit was wereldklasse vanaf het eerste moment."

Iggy Pop
Om van zijn zwaar drugprobleem af te geraken, verhuist Bowie in de tweede helft van de jaren 70 naar Berlijn, waar hij samenwerkt met producer Brian Eno en samenwoont met zijn vriend Iggy Pop. Hij maakt in die periode de drie iconische albums "Low", "Heroes" en "Lodger". Volgens muziekjournalist Bart Steenhout was deze zogeheten "Berlijnse periode" van Bowie de meest invloedrijke. "In die periode maakte hij vijf platen op rij die klassiekers zijn geworden. Dat spelen er niet veel klaar."

'Let's Dance'
In de jaren 80 haalt Bowie zijn grootste commerciële successen, met het door Nile Rodgers geproducete popalbum "Let's Dance" en duetjes als "Dancing in The Street" (met Mick Jagger) en "Tonight" (met Tina Turner).

Kameleon
"Het wordt vaak gezegd bij het overlijden van popmuzikanten, maar dit keer kun je er écht niet omheen: Bowie is een van de allergrootsten. Hij is van het kaliber van Elvis, The Beatles en The Rolling Stones, maar dan wel vernieuwender dan de genoemde popgoden", zegt muziekjournalist Bart Steenhout.

Want Bowie is zichzelf blijven vernieuwen gedurende heel zijn carrière. Vandaar dat hij ook voortdurend experimenteerde met verschillende personages. "Dat geldt ook voor zijn muziek. Weinig artiesten zijn, misschien Prince en The Beatles uitgezonderd, zoveel verschillende richtingen ingeslagen en kwamen er ook mee weg, en boekten er succes mee", zegt Steenhaut.

Jaren 90

Vanaf 1988 maakt Bowie stevige rock met zijn groep Tin Machine, dat maar een matig succes kent. Later herneemt hij zijn solocarrière. Vorige week, op zijn 69ste verjaardag, bracht hij zijn laatste album "Blackstar" uit. "Dat laatste album zal hij allicht als zijn testament hebben bedoeld", besluit Zaki.