Orban wint voor de 3de keer

In Hongarije heeft de rechts-populistische en eurosceptische premier Viktor Orbán met zijn partij Fidesz de parlementsverkiezingen zo goed als zeker gewonnen. Met bijna alle biljetten geteld kan de partij rekenen op 48,8 procent van de stemmen, dat blijkt uit cijfers van het nationaal kiesbureau. De opkomst van de verkiezingen lag met zeventig procent uitzonderlijk hoog.

De sterkste Hongaarse oppositiepartij wordt het extreemrechtse Jobbik (De Beteren) dat bijna twintig procent van de stemmen haalde. De socialistische partij MSZP kreeg de steun van 12,4 procent van de kiezers, de ecologische LMP 7,0 procent en de links-liberale DK 5,6 procent. 

Derde ambtstermijn
Orban lijkt met dit resultaat voor de derde keer op rij op een tweederdemeerderheid in het parlement te kunnen rekenen, waardoor hij vrij de grondwet kan aanpassen.

Definitieve resultaten
Bij de vorige verkiezingen in 2014 volstond een resultaat van 45 procent om 133 van de 199 zetels te bemachtigen. Volgens analisten zou Fidesz met de huidige score 134 zitjes binnenhalen. Voor de precieze zetelverdeling is het wachten op de definitieve resultaten. Die volgen later deze week, wanneer ook de stemmen van kiezers in het buitenland geteld zijn. 

Orban dankt kiezers
Orban noemde de resultaten kort na middernacht zelf al een "historische overwinning die ons de kans geeft om Hongarije te blijven beschermen". "De hoge opkomst neemt alle twijfels weg", aldus de premier. Hij kreeg meteen veel bijval van andere extreemrechtse politici in Europa, zoals Geert Wilders van de Nederlandse PVV en Marine Le Pen van het Franse Front.

Lees ook: