Eigenaar van boerderij waar Julen stierf: “Ik had nooit gedacht dat er een kind in zou passen”

De eigenaar van de boerderij waar de 2-jarige Spaanse peuter Julen overleed door een val in een diepe put zal zichzelf nooit vergeven dat hij het gevaar niet zag. “Ik had nooit gedacht dat er een kind in zou passen”, vertelt hij.

De eigenaar van het perceel in Totalán, David Serrano, sprak gisteren de lokale pers toe. Geflankeerd door advocaten, omdat het noodlottige ongeval voor hem mogelijk uitmondt in een rechtszaak. Want wie is er verantwoordelijk voor de 100 meter diepe put waar Julen in terecht kwam? 

“Ik vergeef mezelf nooit”
Serrano, vriend van een nicht van Julens vader, zegt dat de put, die was gegraven in een zoektocht naar water, afgedekt was met twee betonblokken. Hij had die bewuste 13 januari alle aanwezigen op zijn domein - ook Julens ouders - gewaarschuwd voor de schacht. “Ik zei dat ze op de put moesten letten omdat ze er met hun voet in zouden kunnen blijven steken. Ik heb nooit gedacht dat er een kind in zou passen. Ik heb een 2-jarige dochter die met Julen speelde... Dit had haar ook kunnen overkomen. Ik vergeef mezelf nooit dat ik dat gevaar niet heb gezien”, verklaarde hij in tranen.

Zijn advocaten toonden de grijze blokken die de put moesten afdekken en lieten zien dat hoewel die zwaar zijn, ze toch makkelijk konden verschuiven. Zo moet Julen er ook tussendoor geglipt zijn. De boerderij-eigenaar spreekt daarmee het verhaal tegen van de maker van het boorgat. Die man, Antonio Sánchez, beweerde eerder dat hij de put keurig afgesloten had achtergelaten, “zoals ik altijd doe”. Dat de steen was verschoven, kwam volgens Sánchez door een kleine aardverschuiving. De eigenaar en de boorgatmaker wijzen ook naar elkaar als het gaat om wie de vergunning voor de waterput moest aanvragen - wat uiteindelijk niet gebeurde.

Onmogelijk
De advocaten van Serrano wijzen de verantwoordelijkheid van hun cliënt voor het ongeval in ieder geval van de hand. Er is volgens hen geen sprake van dood door schuld. “David kon zich nooit van dat risico bewust zijn geweest, niemand had het als een reële mogelijkheid gezien. De Guardia Civil dacht zelfs een tijd dat het kind niet in de put zat, omdat het ‘onmogelijk’ kon passen.” 

Serrano kocht het terrein vier maanden geleden om er ’mango’s en avocado’s te verbouwen, en misschien wat paarden neer te zetten. Hij noemt de bewuste dag ‘vervloekt’.

Julen viel die zondag rond 14.00 uur in een onbewaakt ogenblik in de 110 meter diepe en 25 centimeter brede put. Vader José zag zijn zoontje er met de handjes omhoog in verdwijnen. Zijn vrouw had hem vlak daarvoor gevraagd even op de peuter te letten omdat ze moest bellen naar haar werk - een McDonald’s-vestiging vlakbij hun woning - om te zeggen dat ze iets later zou komen. Ze zouden met de kennis en zijn gezin eerst nog zelfgemaakte paella eten. José zou de maaltijd bereiden en was bezig met het houtvuur toen Julen verdween.

Dertien dagen van knagende onzekerheid volgden. Na een intensieve reddingsactie werd Julen dood gevonden in de put, op zaterdag 26 januari. Hij bleek te zijn overleden aan ernstig hoofdletsel en andere verwondingen als gevolg van zijn val. Het jongetje werd een dag later begraven.