“Amerikanen zullen niet vechten in Irak”

De Verenigde Staten willen tot 300 militaire adviseurs naar Irak sturen, zo heeft president Barack Obama in het Witte Huis gezegd. De militaire adviseurs, wellicht bestaande uit speciale troepen, moeten het Iraakse leger "opleiden, assisteren en steunen" in zijn strijd tegen de soennitische jihadisten”, zo zei Obama.

Maar er zullen geen Amerikaanse troepen naar Irak terugkeren om er te vechten. "Wij hebben niet de mogelijkheid dit probleem op te lossen door tienduizenden troepen te sturen", aldus Obama die in 2003 tegen de Amerikaanse invasie in Irak was. "Uiteindelijk is dit iets dat de Irakezen zelf zullen moeten oplossen", herhaalde hij.

Obama zei dat zijn land wel bereid is tot gerichte en precieze militaire acties, als en wanneer de VS denkt dat de situatie daarom vraagt. Voor zo'n beslissing valt, zal de president naar eigen zeggen nauw overleggen met het Congres en leiders in Irak.

De VS is ook bereid met de Irakezen gezamenlijke controlecentra in Bagdad en het noorden van Irak te openen. Opperste prioriteit voor Obama blijft de in Irak gestationeerde Amerikanen te beschermen, onder wie de zowat 5.000 medewerkers van de ambassade in Bagdad.

Obama stuurt in het kader van een diplomatiek luik rond de crisis in Irak dit weekend zijn minister van Buitenlandse Zaken John Kerry naar Europa én het Midden-Oosten om daar met gematigde leiders over Irak te praten.

Volgens Obama is het niet aan de VS om een leider voor Irak te kiezen en hij pleitte dus voor het opstappen van premier Noeri al-Maliki. Toch brak hij een lans voor de vorming van een regering die alle Irakezen vertegenwoordigt, eraan toevoegend dat alle leiders die tot een compromis bereid zijn, Irak kunnen helpen