Kinderziekenhuis in Syrië gebombardeerd

Bij luchtaanvallen in Syrië hebben gevechtsvliegtuigen een ziekenhuis van Artsen Zonder Grenzen en een kinderziekenhuis in Azaz gebombardeerd. Minstens 24 mensen kwamen om het leven. Volgens verschillende bronnen zouden beide ziekenhuizen door Rusland aangevallen zijn.

Het eerste ziekenhuis is deze ochtend vernield door luchtaanvallen in Ma’arrat al-Numan, in Idlib, aldus Artsen Zonder Grenzen op Twitter. Het Syrisch Observatorium van de Mensenrechten spreekt over minstens 14 doden. Acht medewerkers van AZG zijn vermist. Ahmet Davutoglu, de Turkse minister van Buitenlandse Zaken wijst met de vinger naar Moskou. “Het zijn Russische ballistische raketten”, klinkt het. 

“Het gaat om een opzettelijke aanval op een gezondheidsinstelling”, zegt Massimiliano Rebaudengo, hoofd van de AZG-missie in Syrië. “De vernieling van dit ziekenhuis ontneemt ongeveer 40.000 mensen die in dat openconflictgebied wonen, toegang tot gezondheidszorg.”

Kinderziekenhuis
Bij een tweede reeks bombardementen werd een kinderziekenhuis in het Noord-Syrische Azaz deels tot puin herleid. De dodental is opgelopen tot minstens 10. Volgens de Turkse autoriteiten zou het ook in Azaz om Russische raketten gaan: “Het hospitaal werd door zeven raketten geraakt.”

Russische luchtaanvallen
Volgens verschillende bronnen zouden beide ziekenhuizen door de Russen aangevallen zijn. Rusland is in september begonnen met luchtaanvallen in Syrië. Officieel steunen ze president Assad in zijn strijd tegen het terrorisme. Maar volgens het hoofd van Artsen zonder grenzen in Syrie is het duidelijk dat dit een gerichte aanval is tegen medische faciliteiten.