"Turkije beschermt oliehandel van IS"

Ankara heeft vorige week een Russische bommenwerper neergeschoten om de (lucratieve) handel in olie uit door Islamitische Staat (IS) beheerste gebieden in Syrië te beschermen. Dat heeft de Russische president Vladimir Poetin maandag gezegd op een persconferentie in Le Bourget, waar hij aan de klimaattop COP21 deelneemt.

Die handel in terreurolie, die op industriële schaal gebeurt, loopt via Turkije. Met het neerhalen van de Soechoj moesten, aldus het Russische staatshoofd, de transitroutes in Noord-Syrië beschermd worden die de olie naar tankers in (Turkse) havens brengt. De Russische bombardementen in Syrië zouden al honderden olietankers hebben vernietigd.

Volgens diverse media had de Turkse president Recep Tayyip Erdogan nog een extra argument: het Turkse bedrijf dat voor de verdere distributie van de IS-olie zorgt (en ook andere smokkelwaar uit Syrië en Irak controleert) is in handen van Erdogans zoon Bilal. Op die manier zou de Turkse staat schuldig zijn aan medeplichtigheid met de terreurgroep IS.