7,5 miljoen extra hulp voor Syrië en Irak

België trekt dit jaar 7,5 miljoen euro extra uit voor humanitaire noodhulp aan oorlogsvluchtelingen in Syrië en Irak. Dat heeft minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo aangekondigd bij een bezoek aan een kamp met Syrische vluchtelingen in de buurt van de Turkse stad Gaziantep, niet zo ver van de grens met Syrië.

Het extra geld komt bovenop de 44,16 miljoen euro die ons land dit jaar al toezegde voor de regio van Syrië en Irak. Van de 7,5 miljoen euro gaat 5 miljoen euro naar inspanningen van het Rode Kruis in Syrië, de overige 2,5 miljoen is voor de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in Irak.

Nu steeds duidelijker wordt dat er geen snelle oplossing komt voor de oorlog in Syrië en de Syrische vluchtelingen voor een heel aantal jaren elders een onderkomen zullen moeten vinden, is De Croo overtuigd dat het het best is de omstandigheden van die mensen te verbeteren in de regio waarvan ze afkomstig zijn. Volgens de minister is dat de investering die het meeste effect ressorteert. "We moeten ervoor zorgen dat die mensen in hun eigen regio een toekomst kunnen opbouwen", aldus De Croo. Zo herbergt Turkije een kleine 2 miljoen Syrische vluchtelingen. "We mogen ervan uitgaan dat heel wat van hen hun leven wellicht hier verder zullen willen uitbouwen."

Maar eenvoudig is dat momenteel niet. Tweederde van de Syrische vluchtelingenkinderen in Turkije heeft geen toegang tot onderwijs, en legaal werken is voor de vluchtelingen ook niet mogelijk. Zwartwerk wordt wel oogluikend toegelaten. De Croo vindt dat de internationale gemeenschap haar middelen voor vluchtelingen moet concentreren op de regio rond Syrië. Naast Turkije zijn dat bijvoorbeeld ook Libanon en Jordanië. En die mensen een toekomst geven, is volgens de Open Vld'er investeren zodat ze de taal van hun gastland leren, onderwijs en vorming krijgen en toegang krijgen tot een job.

Een van de prioriteiten in dat verband voor het toekomstige beleid van De Croo wordt andere landen overtuigen van de noodzaak om de shift te maken van noodhulp naar ontwikkeling. Met de situatie waarin veel vluchtelingen nu zitten, moeten we af van de gedachte dat middelen alleen naar noodhulp moeten gaan, is de redenering. Het is tegelijk ook investeren in ontwikkeling. Samen met Nederland en 15 andere EU-landen dringt België er bij de Europese Commissie trouwens op aan om middelen voor ontwikkeling in de regio van Syrië en Irak sneller en flexibeler in te zetten. Nu zijn bureaucratische regels vaak een hinderpaal. Ons land kiest er bewust voor zijn hulp rechtstreeks door te storten naar de internationale organisaties op het terrein.