62 miljard voor strijd tegen klimaatopwarming

In 2014 hebben de ontwikkelingslanden 61,8 miljard dollar ontvangen van de welvarende landen voor hun strijd tegen de klimaatopwarming. Dat blijkt uit een OESO-rapport, dat woensdag werd voorgesteld in de Peruviaanse hoofdstad Lima. Dat bedrag moet tegen 2020 stijgen tot 100 miljard dollar per jaar.

De steun steeg met meer dan 10 miljard ten opzichte van 2013, toen de ontwikkelingslanden 52,2 miljard dollar kregen in giften of in leningen, van openbare of private organisaties. Volgens de OESO werd er dan ook veel vooruitgang geboekt. Ongeveer 43 miljard van de steun in 2014 is afkomstig van publieke financiering (bilateraal of multilateraal), 16 miljard komt van private steun en 1,6 miljard van exportkredieten.

De welvarende landen engageerden zich in 2009 om hun financiële steun voor klimaatprojecten in ontwikkelingslanden geleidelijk aan op te trekken, om tegen 2020 aan een bedrag van 100 miljard per jaar te komen. De projecten kunnen bestaan uit plannen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, maar ook uit maatregelen om zich aan te passen aan de gevolgen van de klimaatopwarming.

De financiële steun is een heikel punt tijdens de VN-onderhandelingen over het klimaat, aangezien de derdewereldlanden hun toetreding tot een akkoord op de klimaatconferentie in Parijs in november en december (COP21) laten afhangen van het al dan niet nakomen van de belofte uit 2009. Tot nu toe was er veel onduidelijkheid binnen het debat, omdat er geen precieze omschrijving bestond van de financiële middelen. "Het is geen perfecte berekening, maar we denken dat we een degelijke en actuele schatting hebben gemaakt, die nuttig zal zijn op de COP21", aldus co-auteur van het rapport Simon Buckle.