Turkije moet terug naar de stembus

De conservatief-islamistische Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft zoals verwacht officieel vervroegde verkiezingen uitgeschreven nadat pogingen om een regering te vormen zijn mislukt. Dat heeft zijn persdienst vandaag bekendgemaakt.

"Gezien de vaststelling van een mislukking, ondanks alle contacten die sinds 9 juli zijn gelegd, is er geen ministerraad kunnen gevormd worden (...) Gezien dit feit en gezien de hem toegekende bevoegdheden heeft de president tot een hernieuwde stembusgang beslist", zo staat in de tekst na een meer dan drie uur durende ontmoeting tussen het staatshoofd en parlementsvoorzitter Ismet Yilmaz.

Wanneer de nieuwe verkiezingen zullen plaatsvinden is in de tekst niet verduidelijkt, maar Erdogan had vrijdag reeds gezegd 1 november in gedachten te hebben. Zijn AKP-partij leidt Turkije sinds 2002 al zonder de macht te delen. Maar op 7 juni verloor de partij haar absolute meerderheid bij parlementsverkiezingen.

Politieke onderhandelingen van waarnemend premier Ahmet Davutoglu met de oppositie, in het bijzonder de centrumlinkse CHP en de rechtsnationalistische MHP, leidden tot niets en woensdag heeft hij zijn mandaat als formateur teruggegeven. De ultieme datum voor regeringsvorming was zondag.

Erdogan heeft altijd gezegd geen mandaat aan de oppositie te willen geven. Volgens het officiële persbureau Anadolou zal Erdogan morgen opnieuw praten met Yilmaz.

Tot de nieuwe verkiezingen moet er een overgangsregering komen. Gezien hun sterkte in het parlement moeten alle partijen daarin vertegenwoordigd zijn, maar de CHP en MHP wijzen een deelname af. De leider van de pro-Koerdische partij HDP, Selahattin Demirtas, wil een hem toekomende ministerpost wel bekleden.