Bank Andorra voert kapitaalcontrole in

Nadat de Spaanse bank Banco de Madrid gisteren de deuren sloot na een bankrun, komt nu ook het moederbedrijf Banca Privada d'Andorra (BPA) in liquiditeitsproblemen. Aan de hoofdkantoren van de bank in Andorra vormden zich gisteren ellenlange rijen van mensen die hun geld wilden opnemen. De bank beperkt het bedrag dat klanten kunnen opnemen tot maximaal 2500 euro per maand.

De problemen zijn begonnen toen het Amerikaanse ministerie van Financiën de Banca Privada d’Andorra, in de dwergstaat Andorra, als corrupt bestempelde. Volgens de Verenigde Staten zou de bank zich schuldig maken aan witwaspraktijken voor internationale criminele bendes. De bestuursvoorzitter van BPA werd dit weekend gearresteerd, nadat hij vorige week was geschorst. Toen het nieuws bekend raakte, stormden klanten van de bank Banco de Madrid, die in 2011 door BPA gekocht werd, naar de bank om hun spaargeld op te nemen.

Ondertussen hebben de Spaanse toezichthouder op de financiële markten, CNMV, en de centrale bank van Spanje, Banco de España, de investeringsfondsen van Banco de Madrid bevroren. Volgens de Spaanse centrale bank zouden spaartegoeden tot maximaal 100.000 euro per klant gegarandeerd zijn, onder het depositogarantiestelsel. Het gaat om het eerste faillissement van een Spaanse bank sinds 2003.

De klanten van het moederbedrijf BPA kunnen nog tot maximaal 2500 euro per maand opnemen. Andorra probeert zo de schade te beperken. De minister van Financiën van Andorra, Jordi Cinca, benadrukte op de nationale televisie dat “de hoogste prioriteit van de regering van Andorra uitgaat naar de handhaving van hun positie als een financieel centrum van wereldklasse”. De Andorrese bankensector beheert een vermogen dat zeventien keer zo groot is als het bruto nationaal product van de dwergstaat.