Clinton in opspraak door e-mails

Een onderzoekscommissie van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, gedomineerd door de Republikeinen, gaat langs juridische weg bij het ministerie van Buitenlandse Zaken de e-mails opvragen die Hillary Clinton vanaf haar persoonlijke mailadres stuurde en die te maken hebben met de terreuraanval op het Amerikaanse consulaat in het Libische Benghazi in 2012. Dat heeft de voorzitter van die commissie, die de terreuraanval onderzoekt, laten weten.

Maandag bracht de New York Times aan het licht dat Clinton tijdens haar ambtsperiode als minister van Buitenlandse Zaken, van 2009 tot 2013, alleen maar haar private mailadres gebruikte voor officieel berichtenverkeer en nooit het e-mailadres van de federale regering.

Clinton ligt in poleposition om de Democratische kandidaat te worden voor de presidentsverkiezingen van 2016. Volgens een woordvoerster van het State Department is het gebruik van het persoonlijke mailadres niet verboden. "Haar raadgevers hebben verklaard dat alles wat te maken had met haar werk aan het ministerie werd doorgespeeld", aldus woordvoerster Marie Harf gisteren.

Volgens de New York Times werden 50.000 mails van Hillary Clinton onlangs aan het State Department doorgespeeld met het oog op archivering. De Republikeinen onderstrepen echter dat geen enkele garantie bestaat dat alle belangrijke boodschappen werden doorgespeeld om gearchiveerd te worden. Krachtens de Amerikaanse wet moet alle professionele correspondentie van regeringsverantwoordelijken gearchiveerd worden. Sinds 2014 moet elke communicatie uitgewisseld vanaf een privaat mailadres ook doorgesluisd worden naar het regeringsadres met het doel bewaard te worden.

Clinton wil zelf de e-mails bekend maken aan het publiek. Dat liet ze weten via Twitter.