Situatie in Congo weer onder controle

Bij de straatprotesten in de Congolese hoofdstad Kinshasa zijn de voorbije dagen elf doden gevallen, zo zegt de Congolese regering. Daarmee spreken de autoriteiten de cijfers tegen van de mensenrechtenorganisatie die het eerder nog over 28 doden had. Nog volgens de regering is de toestand in de hoofdstad intussen weer normaal.

"Elf mensen, één agent en tien plunderaars, werden sinds maandag gedood bij de onlusten", verklaarde Lambert Mende, een woordvoerder van de Congolese regering, woensdag aan het persbureau AFP. Daarmee minimaliseert hij het dodental dat de lokale mensenrechtenorganisaties eerder naar voren hadden geschoven. De Association Congolaise pour l'accès à la justice (ACAJ) had eerder 28 doden gemeld, terwijl de de Union pour la Nation Congolaise (UNC) het over twintig doden had. De regering stelt verder nog dat de 343 "plunderaars" werden opgepakt.

"Ondanks enkele broeihaarden is de toestand rustig in Kinshasa", dankzij de inzet van "gemengde patrouilles" met soldaten en politieagenten, aldus nog de woordvoerder. Eerste minister Augustin Matata Ponyo brengt woensdagnamiddag een bezoek aan de campus van de universiteit van Kinshasa, een van de centra van de protestbeweging, voor een gesprek met de rector.

De manifestanten in Kinshasa kanten zich tegen de Congolese president Joseph Kabila, die volgens hen pogingen onderneemt om langer aan de macht te blijven. De president had namelijk een volkstelling aangekondigd, die mogelijk tot het uitstel kan leiden van de presidentsverkiezingen die in 2016 moeten plaatsvinden. De grondwet verbiedt president Kabila, die al sinds 2001 aan de macht is, om zich kandidaat te stellen voor een derde termijn.