Minstens 30 rebellen gedood in Damascus

Syrische regeringstroepen hebben nabij de hoofdstad Damascus minstens dertig rebellen gedood. Dat heeft het vanuit Groot-Brittannië opererende oppositionele Observatorium voor de Mensenrechten (Sohr) gemeld. Bij luchtaanvallen op doelwitten van de terreurbeweging Islamitische Staat (IS) in de noordoostelijke provincie al-Raqqa zijn minstens tien andere mensen omgekomen.

Volgens het SOHR heeft het Syrische regeringsleger met steun van de sjiitische Libanese militie Hezbollah nabij het rebellenbolwerk Ghoeta ten oosten van Damascus een hinderlaag gelegd. Daarbij zijn volgens de Syrische televisie dertig "terroristen" (alias "rebellen") gedood. De Syrische luchtmacht voerde ook nieuwe bombardementen uit op het IS-bolwerk al-Raqqa, waarbij volgens activisten tien mensen zijn gedood.

Ondertussen is de Syrische minister van Buitenlandse Zaken, Walid al-Moeallem, op bezoek in Rusland. Volgens de Arabische krant al-Sharq al-Awsat kreeg hij van Moskou te horen naar de onderhandelingstafel terug te moeten keren om een coalitieregering te vormen.

In buurland Irak heeft de IS in de door de extremistische terreurorganisatie gecontroleerde stad Mosoel alle mobiele telefoonverbindingen laten uitschakelen.