VS stuurt weer zelf astronauten naar ISS

De Verenigde Staten gaan vanaf 2017 opnieuw zelf astronauten naar het internationale ruimtestation ISS sturen. Eerder zette de NASA in 2011 als gevolg van het dodelijke ongeluk met het ruimteveer Columbia zijn ruimteveren op stal. Sindsdien waren de Amerikanen voor bemand transport van en naar het ruimtestation afhankelijk van de Russische Sojoez. Daar komt in de toekomst dus verandering in, zo kondigde het Amerikaanse ruimtevaartbureau dinsdag op een persconferentie op Cape Canaveral in Florida aan.

Voor de shuttles wordt een beroep gedaan op de Amerikaanse bedrijven Boeing en SpaceX. NASA trekt in totaal 6,8 miljard dollar, omgerekend zo'n 5,2 miljard euro, uit voor de ontwikkeling van de commerciële ruimteveren door de twee bedrijven.

"We zijn vandaag een stap dichter bij de mogelijkheid om onze astronauten vanop Amerikaanse bodem en aan boord van een Amerikaans ruimteschip de ruimte in te sturen", aldus NASA-directeur Charles Bolden, die het had over een van de "meest opwindende en ambitieuze hoofdstukken in de geschiedenis van de bemande ruimtevaart".

De samenwerking tussen Boeing en SpaceX moet meer mensen de kans geven om kennis te maken met de opwinding van een ruimtevlucht, aldus nog Bolden, zelf een voormalig astronaut. "Door het ruimtetransport in lage baan toe te vertrouwen aan de privésector, kan NASA zich zelf meer focussen op een ambitieuze reis naar Mars", klonk het verder.

De eerste vluchten van de privé-ruimtevaartuigen zouden in 2017 moeten plaatsvinden. Het contract is goed voor in totaal maximaal zes bemande missies naar ISS per bedrijf.