Steken we te snel onze mistlichten aan?

Het was vanmorgen mistig in Vlaanderen. En dus staken heel wat automobilisten hun mistlichten aan, tot ergernis van anderen die het onnodig en hinderlijk vonden. Wanneer mag je je mistlichten aansteken en wanneer niet? En wat riskeer je als je het doet wanneer het niet mag? We frissen je geheugen even op.

Allereerst is er een onderscheid tussen voor- en achtermistlichten. Van die laatste categorie moet je er verplicht één of twee hebben, de voorsten zijn niet verplicht. De achtermistlichten zijn rood, de voorsten wit of geel.

Je mag achtermistlichten alleen gebruiken als je zicht beperkt is tot minder dan 100 meter, en dat kan door sneeuw, mist of regen.
Voor mistlichten vooraan gelden soortgelijke regels, al is de minimumzichtbaarheid daar niet gereglementeerd. Je mag ze dus altijd gebruiken bij sneeuw, mist of regen.

Gevaarlijk
"Mistlichten kunnen hinderlijk zijn voor andere chauffeurs. Als je ze hebt aangestoken op een plaats waar er veel mist was, en je komt daarna bijvoorbeeld op de autosnelweg met minder mist, kan het soms beter zijn ze opnieuw uit te zetten", zegt Danny Smagghe van Touring aan VTM NIEUWS.

Voor mistlichten achteraan een ander verhaal. "Als je je achtermistlichten aansteekt, kan het voor bestuurders achter je lijken alsof je aan het remmen bent, en dat kan gevaarlijke situaties opleveren", aldus Smagghe nog.

"Hoewel het strafbaar is om je mistlichten te gebruiken in ongeoorloofde situaties, denk ik dat de politie het vanmorgen wel door de vingers zal hebben gezien", sluit Smagghe af.