Brusselse holebi’s klagen over ‘lakse’ politie in hoofdstad

Een homofoob incident aan de Brusselse Kolenmarkt staat momenteel centraal in een intern onderzoek van de politiezone Brussel-Hoofdstad-Elsene. In de lgbtqi+-gemeenschap weerklinkt frustratie over de ‘laksheid’ van sommige agenten, zo schrijft De Morgen.

Het voorval gebeurde dinsdagnamiddag rond 18 uur. Een vrouw passeerde toen aan het terras van een van de gay bars aan de Brusselse Kolenmarkt en beledigde de mensen die er zaten. Het kwam bijna tot een handgemeen, waarop uitbater Frédérick da Soghe besloot om hulp te vragen bij twee agenten die 50 meter verder voor het hoofdcommissariaat van de politiezone Brussel-Hoofdstad-Elsene stonden. Zij reageerden naar verluidt onverschillig en weigerden in te grijpen. “Dat is waar we mee te maken hebben bij een homofobe aanval in Brussel”, schrijft Da Soghe over die “laksheid” op Facebook. 

Bij de politiezone loopt momenteel een intern onderzoek over het voorval, maar volgens Da Soghe is het probleem structureel. Als Brussels nachtambassadeur en voormalig voorzitter van de vereniging van Brusselse lgbtqi+-handelaars hoort hij vaak frustraties over de situatie. Concrete cijfers zijn er echter niet. 

De vraag blijft hoeveel homofobe incidenten er daadwerkelijk bij de politie worden gemeld. “Net zoals bij seksueel geweld is de drempel heel hoog”, zegt Olivier Slosse, commissaris-woordvoerder van de politiezone. Want bij Unia, dat niet over Brusselse cijfers beschikt, steeg het aantal behandelde dossiers rond homofobie in ons land net met 38 procent. 

Een Brussels onderzoek, besteld door voormalig staatssecretaris voor Gelijke Kansen Bianca Debaets (CD&V), toonde eerder dit jaar het spanningsveld binnen het korps. Van de zestien deelnemers uit de lgbtqi+-gemeenschap, van wie iedereen minstens blootgesteld was aan verbaal of psychisch geweld, deed slechts de helft al eens aangifte. Het gevoel leeft dat de politie niet geïnteresseerd is, geen kennis heeft of in sommige gevallen zelf homofoob is.