Belgische migrant blijft te arm

De welvaartskloof tussen autochtone Belgen en nieuwkomers van buiten de EU - 1,5 miljoen mensen - is een Grand Canyon. Geen enkel West-Europees land doet het slechter dan België, zo blijkt uit onderzoek van econoom Vincent Corluy van de Universiteit Antwerpen.

Zo leeft meer dan een op de twee niet-Europese immigrantenkoppels in armoede. Ter vergelijking: Bij Belgische gezinnen gaat het om minder dan 5 procent. De migrantengezinnen zijn dubbel zo vaak volledig werkloos als autochtone gezinnen. Er zijn ook erg weinig tweeverdieners: in de helft van de gezinnen werkt slechts één ouder, vaak de vader. Bij autochtonen is dat een op de vijf. In de meeste gevallen gaat het ook om een precaire job.

 Door hun kansarmoede is het verschil in wat een gemiddelde niet-Westerse migrant bijdraagt ten opzichte van een autochtoon aanzienlijk. Hun gemiddelde netto bijdrage -via belastingen, sociale bijdragen, met aftrek van uitkeringen- bedraagt 300 euro per jaar. Die van de gemiddelde autochtoon 2.800 euro. Terwijl het opleidingsniveau van autochtonen er de afgelopen vijftien jaar sterk op vooruitgegaan is, stagneerde die van nieuwkomers van buiten de EU. Iets minder dan de helft verlaat de school zonder diploma.