Hulp voor gestoorde criminelen werkt

De behandeling van geïnterneerden werkt, want weinigen plegen opnieuw feiten. Toch wordt meer dan de helft weer opgesloten in de gevangenis, schrijft De Standaard.

In 2001 hebben drie psychiatrische ziekenhuizen een forensische afdeling opgericht, speciaal voor mensen die criminele feiten pleegden maar ook een psychiatrisch probleem hebben. Daar wordt niet alleen het ziektebeeld aangepakt, maar wordt vooral gewerkt aan de risicofactoren die maken dat zij opnieuw feiten plegen: ze leren hoe ze met agressie moeten omgaan, hoe ze moeten communiceren, hoe ze hun vrije tijd kunnen invullen.

Om te weten of deze aanpak rendeert, onderzocht Ingeborg Jeandarme van het Kenniscentrum Forensisch Psychiatrische Zorg de dossiers van de 531 geïnterneerden die tussen 2001 en 2010 in die drie centra behandeld werden. Vanaf de behandeling tot nu pleegde slechts één op de tien nieuwe feiten. Na afloop van de behandeling ging het maar om 8,8 procent. Ter vergelijking: internationaal liggen de recidivecijfers tussen de 15 en 68 procent.

Toch blijkt meer dan de helft van de geïnterneerden opnieuw in de gevangenis te belanden, voor gemiddeld 760 dagen. "Omdat de behandeling onderbroken moet worden, omdat ze opnieuw feiten plegen of omdat ze andere voorwaarden hebben geschonden. Wij maken ons hier echt zorgen over", aldus Jeandarme in de krant. "Heropsluitingen gebeuren zonder tussenkomst van een advocaat. Vooraleer de geïnterneerde weer vrijgesteld kan worden, moet er opnieuw gezocht worden naar een geschikte behandelplaats. En omdat er te weinig plaats is, duren deze detenties vaak onnodig lang."