De brief van Marc Dutroux in 5 quotes

Marc Dutroux heeft een brief geschreven naar Jean-Denis Lejeune, de vader van de vermoorde Julie. In de brief geeft Dutroux zijn versie van de feiten over de ontvoering en de dood van de meisjes Julie en Mélissa. In de brief, die 44 bladzijden lang is, probeert Dutroux de schuld van zich af te schuiven. Zo zegt hij onder meer dat hij niet betrokken was bij de ontvoering van de meisjes. Wij selecteerden enkele opmerkelijke quotes.

"Ik heb hen niet ontvoerd"

Julie en Mélissa zaten in mijn woonkamer toen ik op een avond thuiskwam. Mijn vrouw zei dat ze de nichtjes van Bernard Weinstein waren. Ze zouden een paar dagen bij ons blijven. Ik vond dat niet verdacht, want het gebeurde wel vaker dat kinderen bij ons kwamen spelen en bleven overnachten. Ik wist niet dat ze als vermist geseind stonden.

"Mijn vrouw heeft hen mishandeld"

Wat ik aantrof toen ik eind maart 1996 uit de gevangenis terugkeerde, heeft me diep geschokt en was weerzinwekkend. Julie en Mélissa, achtergelaten in erbarmelijke omstandigheden. Het was verschrikkelijk wat die twee kleine engeltjes moesten meemaken.

"Ik heb ook veel verdriet"

Nog voor ik werd aangehouden heb ik hevig geleden, omdat ik het ergste niet heb kunnen verhinderen. Ik draag een deel van de verantwoordelijkheid, omdat ik fouten heb gemaakt en de verkeerde mensen heb vertrouwd. Elke keer als ik u hoor bedelen naar de waarheid, word ik overrompeld door verdriet voor u.

"Wij weten wat het is om een kind te verliezen"

In uw brief naar mijn vrouw Michelle Martin vraagt u haar of ze weet wat het is om een kind te verliezen. Ja, dat weet zij (hiermee doelt hij op de miskraam die ze had in 1986, red.). Het verschil met u is dat ons kind nog in het lichaam van mijn vrouw zat.

"Ik vraag begrip"

Ik heb tijdens het proces niet de moed gevonden om u in de ogen te kijken. U verwijt me dat, maar dat kan nog veranderen. 

Bekijk ook: