Twitter wordt hét campagnemiddel

Mei 2014 wordt dé twitterverkiezing

Bijna 6 op 10 Vlaamse politici gebruiken Twitter. Net voor de vorige federale verkiezingen was dat nog maar een fractie, met nog geen 2 op de 10. Twitter is politiek belangrijk: vicepremier Alexander De Croo van de Open VLD zegt zelfs dat hij zonder zijn twitteraccount nooit zou staan waar hij nu staat.

Campagne op Twitter

Elke partij heeft momenteel een latent actieve sociale media-cel: woordvoerders en medewerkers die fulltime of als deel van hun dagtaak de politieke nieuwsflow op Twitter volgen en proberen te sturen. Op hoogdagen zoals congressen zijn er zelfs heuse social media 'war rooms', een unit in de marge van het congres met smartphones en PC's waarmee jonge medewerkers de twittergemeenschap honderden hashtags afserveren over het politieke gebeuren. Na de congressen van CD&V en Open VLD gingen er zelfs wat pijnlijke opmerkingen heen en weer tussen de 'digikids' van de respectievelijke partijen: over wie het meest gelezen werd door de twittergemeenschap, als 'trending topic', of wie daarentegen het meeste bagger over zich heen kreeg.

De Twitter War Room

In de aanloop van de moeder van alle verkiezingen zullen die 'social media war rooms' full time opereren. Elke tweet over de partij of een mandataris wordt gegarandeerd gescreend, overal wordt al dan niet op gereageerd. Omgekeerd gaat men soms zelf gecoördineerd in de aanval: heeft een partijlid zo dadelijk een televisiedebat, dan zal dat heugelijk aangekondigd worden. Net zo in het geval van een opiniestuk of interview. Elk media-optreden van een kandiderend politicus wordt vanuit de sociale media gelanceerd, ondersteund en verdedigd. En dat gebeurt wel overdacht, strak gecoördineerd en met een duidelijk scenario voor ogen.

De kunst daarbij is ervoor te zorgen dat die politieke tweets vanuit de War Room en onderbuik van de partij, toch overkomen als spontane, politiek ongebonden reacties. De online praetoriaanse garde van de partijtop moet soms opvallen in onopvallendheid. Pas na het nauwkeurig bekijken van hun profiel of Google-gewijs checken van hun naam en job, weet je dat het gaat over trouwe partijmedewerkers.

WC-papier

Juni 2009, Kris Peeters vormt zijn regering en onderhandelt nog met liberaal partijvoorzitter Guy Verhofstadt. De op dat moment nationaal onbekende Alexander De Croo stuurt een tweet de wereld in: “vind heel weinig van de pre-electorale VLD thema’s terug in Peeters’ nota. Laten we programma niet degraderen tot WC-papier.” Alexander De Croo is op dat moment vooral de nobele onbekende zoon-van, en kwam van een 10de plaats op de Europese lijst. Op Twitter heeft hij op dat moment 60 volgers.

Maar de WC-papier-tweet zorgt voor een nationale doorbraak. De kranten merken de tweet op. De Croo wordt geïnterviewd over de liberale bijdrage in de Vlaamse regeringsvorming en het Canvas-magazine Terzake zoekt de jonge politicus op. De Croo kijkt vandaag terug: “het was de voorbode van een drukke perszomer. Nog geen zes maanden na de tweet over WC-papier was ik verkozen tot partijvoorzitter.”

In VTM Nieuws zegt de vicepremier: “was Twitter er niet geweest dan stond ik vandaag niet waar ik sta. Het is door een aantal twitterberichten dat ik interviews heb losgekregen en daardoor op de voorgrond kon treden. Enkele maanden later was ik voorzitter van mijn partij." Hij is ondertussen vicepremier en nog steeds actief twitteraar, met bijna 45.000 volgers. Weinig toppolitici zijn daardoor zo bereikbaar als Alexander De Croo: bijna dagelijks gaat hij in gesprek met mensen die hem vragen stellen, of hem ook zelfs ronduit aanvallen.

Twitterland is CD&V-land

Van onze pakweg 260 parlementsleden en ministers gebruiken er momenteel 150 of 58 procent Twitter als politiek communicatiemiddel. In dat politiek twitterland loopt u nominaal de meeste kans een CD&V’er tegen het lijf te lopen: 41, of bijna 27 procent van de tweeps zijn christendemocraat. Logisch, de partij levert in de parlementen en regeringen dan ook zeer veel mandatarissen, maar de twitterdiscipline van de CD&V is ook redelijk sterk: twee derde van haar politici heeft een actief account.

De SP.a daarentegen is het minst Twitter-minded: nog niet de helft van haar vertegenwoordigers en ministers gebruikt Twitter. Zo zijn er maar 3 van de 13 Kamerleden die twitteren. Als twitterland een denkbeeldig land is, dan heb je dus een grote CD&V en een piepkleine SP.A: de socialisten boksen online onder hun gewicht.

#BDW en #maggie

Opvallende afwezigen zijn twee bijzonder populaire politici: Bart De Wever (N-VA) en Maggie De Block (Open VLD) scoren hoog in peilingen maar hebben allebei geen twitteraccount – en onderhouden trouwens ook geen facebookpagina. Dat relativeert het belang van sociale media. En toont hoe klassieke print, radio en televisie nog steeds de grootschalige populariteit schragen. Zo is staatssecretaris John Crombez van de SP.A al lang zeer actief op Facebook en Twitter, maar worden die media pas politiek relevant wanneer de boodschap die ze dragen door de klassieke pers wordt opgepikt: “toen ik het kabinet verliet en de politiek instapte genoot ik geen bekende naam. Het is via Facebook en Twitter dat ik meningen en analyses kon plaatsen die de kranten oppikten. Sociale media waren een opstapje naar het grote publieke debat.”

Twete ergo sum

… was de eerste tweet van N-VA ondervoorzitter Ben Weyts, deze zomer. De partij N-VA is aan een demarrage bezig: de partij-account gaat de laatste weken bijzonder actief in dialoog met de twitteraars. @de_NVA heeft met 11.884 een mooi gemiddeld aantal volgers. Maar haar mandatarissen lopen niet in groten getale warm voor het medium: net de helft twittert, dat is minder dan het gemiddelde.

Jan De Meulemeester @JDeMeulemeester