Beveiligingslek bij hulpdiensten

Er zit een groot beveiligingslek in het communicatienetwerk van de politie en de hulpdiensten. Dat bevestigt operator Astrid in De Tijd. Liefst 15.000 'biepers' zijn niet versleuteld.

In 1998 is het nieuwe communicatiesysteem 'Astrid' opgericht. Doel van dat nieuwe systeem was net om het afluisteren van hulpdiensten compleet onmogelijk te maken. Vandaag gebruiken de veiligheidsdiensten al ruim 55.000 radioterminals van Astrid. En die zijn inderdaad optimaal versleuteld: zowel de data als de gesprekken zijn vertrouwelijk. Want zowel de communicatie als de authenticatie van de terminals gebeurt vercijferd. Maar in een lijvige brochure over de werking van Astrid, dat volledig in handen is van de federale overheid, geeft de operator zelf toe dat er een groot gat gaapt in de beveiliging.

De achilleshiel zijn de 15.000 'pagers', of biepers en semafoons, die zowel de brandweer, de civiele bescherming als verschillende medische diensten gebruiken. Die worden over heel België gebruikt om personeel op te roepen bij incidenten. Ook de noodcentrales sturen elektronische berichten naar de terminals van de brandweerdiensten, die ze op hun beurt doorspelen naar pagers. In 2012 hebben de veiligheidsdiensten zo meer dan 1,854 miljoen pagingberichten verstuurd. Maar in tegenstelling tot de digitale radiocommunicatie zijn die pagingberichten helemaal niet versleuteld of geëncrypteerd. Ze zijn zo te ontcijferen voor wie via scanners de communicatie van de hulpdiensten wil onderscheppen. "Ze kunnen inderdaad onderschept en gelezen worden", bevestigt Astrid-woordvoerder Frederik Langhendries.