Tweedeverblijvers goudmijn voor kust

Mensen met een tweede verblijf aan de kust geven er ieder jaar 1,1 miljard euro uit, goed voor ongeveer 41 procent van alle uitgaven aan het kusttoerisme. De kust telt vandaag 94.200 vakantiewoningen. Dat blijkt uit cijfers van het provinciebedrijf Westtoer.

Slechts 13 procent van de eigenaars verhuurt zijn huis of appartement. De overige 87 procent heeft zijn tweede verblijf aan de kust gekocht om er zelf van te genieten en als investering. Dat is goed nieuws voor de kust zelf, want de  zogenaamde tweedeverblijvers hebben een ontzettend grote economische waarde.

Toeristen met een tweede verblijf aan zee kopen dat pas op oudere leeftijd. 80 procent is 50 of ouder, 45 procent zelfs is 65-plusser. Een tweedeverblijver geeft meer uit dan de klassieke dagtoerist: gemiddeld 41 euro per dag. Allemaal samen spenderen ze per jaarlijks 1,1 miljard euro, een boost voor de kusteconomie.

Tweedeverblijvers wonen gemiddeld 49 dagen per jaar aan zee. In de meeste gemeenten betalen ze daarvoor ook een taks. Meestal krijgen ze daar iets voor in de plaats: bijvoorbeeld een parkeerkaart of toegang tot het containerpark. Maar dat is vandaag nog niet overal het geval.