Aalst wil eigen terreurteam

Aalst wil een eigen antiterreurteam opbouwen en gaat daarvoor samenwerken met politiekorpsen in de buurt. De stad reageert daarmee op analyses van veiligheidsexperts. Die zeggen dat kleinere steden en gemeenten zich beter moeten voorbereiden op eventuele aanslagen want hun politiekorpsen zijn dikwijls niet uitgerust om terroristen te overmeesteren of uit te schakelen.

"Steden en gemeenten die te maken zouden krijgen met een terroristische aanslag kunnen in theorie een beroep doen op de capaciteit van de Speciale Eenheden van de federale politie”, zegt burgemeester van Aalst Christoph D'Haese (N-VA), die ook lid is van de Terreurcommissie. “Het kan drie tot vijf uur duren vooraleer zo'n federaal bijzonder bijstandsteam ter plaatse geraakt. Het spreekt voor zich dat deze aanrijtijd in crisissituaties letterlijk het verschil kan maken tussen leven en dood."

Betere wapens
"Daarom moeten ook kleinere steden en gemeenten zich organiseren", zegt D'Haese, "om een soort Snelle Respons Teams (SRT) in te zetten". Die zijn er al in Antwerpen. Agenten worden dan beter beschermd en krijgen betere wapens dan agenten van de lokale politie. In Aalst willen ze daarom samenwerken met politiezones in de buurt. Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) wil dat meer steden en gemeenten dat doen. Ze moeten dat wel zelf betalen, Jambon zorgt alleen voor opleidingen.

Andere steden zijn voorstander
Andere steden wijzen het idee niet meteen af. In het Limburgse Maaseik werden vorige jaar nog enkele vermoedelijke Syriëstrijders en ronselaars opgepakt. Hun proces is deze week begonnen. De burgemeester hoopt dat met andere politiezones uit de buurt kan samengewerkt worden om de kosten te drukken. Hetzelfde bij de burgemeester van Kortrijk. Daar moeten ze tot vier uur wachten op bijstand uit Brussel. Ook zij willen samenwerken met politiezones uit de buurt.