Hoe veilig terug van en naar school?

Ongevallen met kinderen van en naar school doen zich veel vaker voor op een vrijdagavond dan op maandagochtend. Zo zijn er vrijdagavond 70% meer slachtoffers dan op een maandagochtend. Er gebeuren ook meer ongevallen op de terugweg naar huis dan onderweg naar school. Dat besluit het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) uit cijfers van de voorbije vijf jaar.

Uit een nieuwe statistische analyse van het BIVV blijkt dat meer dan vier op de tien kinderen en jongeren die betrokken waren bij een letselongeval, op weg waren van of naar school. Het verlaten van de school is daarbij 1,5 keer gevaarlijker dan het traject naar school. Dat er 70% meer slachtoffers vastgesteld worden op een vrijdagavond dan op een maandagochtend heeft te maken met de vermoeidheid en het feit dat iedereen blij is dat de schoolweek achter de rug is, volgens het BIVV. Ook op woensdagmiddag is het risico groter, wanneer alle kinderen op hetzelfde moment de school verlaten.

Andere cijfers
In Wallonië vallen meer slachtoffers als passagier in de wagen, zo’n 32 procent. In Brussel dan weer meer voetgangers met 54 procent. In Vlaanderen zijn de meeste slachtoffers fietsers, zo’n 47 procent. En op weg naar school is slechts 29% van de kinderen volledig correct vastgemaakt. Dat wil zeggen dat het kind vervoerd wordt in het juiste kinderzitje en op de juiste manier vastgemaakt is. 12% van de kinderen is zelfs helemaal niet vastgemaakt, dat is dus één op de 8 kinderen. Het percentage correct vastgemaakte kinderen stijgt wel als de kinderen vervoerd worden naar hobby’s (42%) of naar sportactiviteiten (47%).

Enkele tips
Enkele dagen voor het nieuwe schooljaar geeft het BIVV ook een reeks tips voor veilig schoolverkeer. "Je mag vooral zelf niet vergeten om het goede voorbeeld te geven aan je kind. Want het heeft geen zin om je kinderen te vragen om hun veiligheidsgordel aan te doen, om dubbel zo voorzichtig te zijn bij het oversteken als je zelf in hun aanwezigheid het tegenovergestelde doet. Alle studies zijn het er over eens: het voorbeeld komt van bovenaf, en vooral van de ouders”, zegt Karin Genoe, Afgevaardigd Bestuurder van het BIVV.

1. Met de wagen naar school

Voor het vertrek
Klik iedereen vast, ook voor korte trajecten en ook als je alleen maar via rustige straten rijdt. Een botsing met 50 km/u komt voor een kind dat niet vastgeklikt zit overeen met een val van de derde verdieping van een gebouw.

Pas je snelheid aan
Respecteer de snelheidslimiet binnen de zone 30, maar ook daarbuiten. Een studie van het BIVV heeft aangetoond dat meer dan 3 op de 4 kinderen slachtoffer waren van een verkeersongeval dat gebeurde binnen een zone tussen de zone 30 en 300 meter rond de school.

Parkeer je wagen correct
Stop enkel waar dat toegelaten is, ook al is het maar voor twee minuutjes. Een fout geparkeerde wagen kan ervoor zorgen dat overstekende kinderen het moeilijk hebben om het andere verkeer te zien en zelf ook niet goed gezien worden.

2. Met het openbaar vervoer naar school

Lopen helpt niet…
Wijs je kind erop dat het absoluut niet mag lopen om te proberen de bus of de tram nog te halen. Liever te laat komen dan risico’s nemen. 

Geen oortjes bij het oversteken
Leer je kind om ver voor of achter de bus of tram over te steken en goed in beide richtingen te kijken. Het is ook beter om oortjes of koptelefoons af te zetten voor het oversteken. 

Voorzie onvoorziene omstandigheden
Bekijk met je kind wat het moet doen bij onvoorziene omstandigheden: wanneer komt de volgende bus, wat te doen bij een staking, enzovoort.

3. Te voet naar school

Steek over op de juiste plaats
Het is van groot belang dat je je kind leert oversteken op een plaats waar je de wagens goed ziet aankomen en waar je ook zelf goed zichtbaar bent voor de naderende bestuurders. Dat is bijvoorbeeld zeker niet tussen twee wagens. Voor een kind zich op de oversteekplaats begeeft, moet het eerst naar links kijken, vervolgens naar rechts en daarna nog een laatste keer naar links.

Bekijk op voorhand waar de risicovolle plaatsen zijn
Leg het traject eens af met je kind voor het de weg helemaal alleen moet doen. Toon de plaatsen die mogelijk gevaarlijk kunnen zijn: ingangen van garages, parkings, opritten en andere.

Niet aan de andere kant van de straat
Wacht nooit op je kind aan de overkant van de straat. Je kind wil immers zo snel mogelijk bij jou zijn en zou daardoor de straat kunnen oversteken zonder te kijken.

4. Met de fiets naar school

Schat de capaciteiten van je kind in
Vooraleer je kind alleen naar school fietst, moet je nagaan of je kind dit aankan. Kan je kind achter zich kijken en zijn of haar arm uitsteken zonder uit te wijken? Kan het de snelheid van de auto’s juist inschatten? Is je kind zich bewust van de gevaren?

Laat je kind een helm dragen
Het hoofd van een jonge fietser is kwetsbaar. Bij een val of een ongeval wordt het hoofd het vaakst getroffen met soms zeer ernstige gevolgen.

Fiets in goede staat
De fiets van je kind moet uiteraard in goede technische staat zijn. In de herfst en in de winter zijn de dagen kort en je kind zal misschien thuis vertrekken wanneer het nog donker is. Laat je kind nooit in het donker rijden wanneer de verlichting van zijn/haar fiets het niet doet. Zorg er ook voor dat je kind zijn of haar fietslichten gebruikt! Een fluohesje of een reflecterende armband kan voor extra zichtbaarheid zorgen.