Exclusief: de verhoren van Abrini over aanslagen

Salah Abdeslam had een veel grotere rol in de aanslagen in Frankrijk én in ons land dan hij laat uitschijnen. Dat blijkt uit de verhoren van zijn kompaan Mohamed Abrini - de terrorist met het hoedje van Zaventem.  Abrini praat, in tegenstelling tot Abdeslam wel en VTM NIEUWS kon de allereerste verhoren, nadat hij werd opgepakt op 8 april, inkijken. Na de aanslagen in Parijs zijn Abrini en Abdeslam ondergedoken op verschillende adressen, samen met terroristen die later mee de aanslagen in ons land hebben gepleegd.

Mohamed Abrini werd twee dagen voor de aanslagen in Parijs gefilmd met Salah Abdeslam in een tankstation op de autosnelweg richting Parijs. Hij zat aan het stuur van de Renault Clio die twee dagen later gebruikt werd bij de aanslagen in Parijs. Abdeslam wist na de aanslagen 126 dagen te vluchten. Mohamed Abrini zegt in zijn eerste verhoor dat Abdeslam een heel belangrijke rol speelde bij de voorbereidingen. 

Schuiladressen
De terreurcel die de aanslagen van Parijs pleegde, was een goed geoliede machine. Iedereen had zijn taak. Zo haalde Abdeslam overal in Europa terroristen op en hielp hen schuilen, dat vertelt Abrini in zijn eerste verhoor.  “Wat ik weet over Salah (Abdeslam) is dat hij op enkelen na alle mensen is gaan ophalen die betrokken waren bij de aanslagen in Parijs en die uit Syrië kwamen. Ik weet dat Salah die mensen ging ophalen en ze afzette op schuiladressen. Ik weet dat, want ik heb met hen geslapen in een appartement, dan verneem je veel.”

Uit het verhoor blijkt nog een keer dat de terreurcellen van de aanslagen in Parijs en de aanslagen in Brussel, één groot netwerk vormen. Op de adressen waar Abdeslam mensen onderbracht, zien we spilfiguren van beide aanslagen terugkeren.

Abaaoud de 'emir'
Mohamed Abrini geeft in zijn verhoor ook toe dat hij in de zomer van 2015 in Syrië is geweest. Hij wilde zijn overleden broer Soulaymane zien, die was omgekomen in Syrië. Hij trok naar Raqqa, het bastion van Islamitische Staat. Daar heeft hij Abdelhamid Abaaoud ontmoet, het brein achter de aanslagen in Parijs. Abrini vertelt aan de onderzoeksrechter onder meer hoe hij instructies kreeg van hem. 

“Abaaoud was in het begin een gewone strijder, maar hij is opgeklommen tot 'emir'. Hij had 1000 man onder zich, waaronder heel wat Belgen en Fransen. Hij leidde de gevechten met zijn mannen. Dat vertelde hij me allemaal ter plaatse. Hij liet me zelfs een litteken zien van een schot van een sniper."

"Hij heeft me niets verteld over zijn plannen met Europa. Hij wantrouwde iedereen. Het is onder meer door die reden dat hij maar een dag bij mij bleef. Ik was immers met mijn gsm gekomen en hij was bang dat hij bespioneerd zou worden met drones.  Hij heeft me wel verschillende keren gevraagd om te blijven als strijder, maar dat zag ik niet zitten. Ik wilde niet in een land in oorlog blijven. Ik was gewoon ter plaatse om mijn kleine broer, Soulaymane, zien.”

Tussenstop in Manchester?
Toch kreeg hij ook echt instructies van Abdelhamid Abaaoud. Hij reisde van Syrië, langs Turkije, naar Londen om daarna door te reizen naar Birmingham waar hij 3000 pond ophaalde die bestemd waren voor Yassin, de jongere broer van Abaaoud. Uiteindelijk keerde hij vanuit Manchester terug naar Parijs. Opmerkelijk is dat Abrini van de gelegenheid gebruikmaakte om ook het voetbalstadion van Manchester te bezoeken. Hij maakte zelfs foto's van het stadion. In zijn verhoor zegt hij dat die foto's niets te maken hadden met een verkenning van het stadion, en dus niet de link mag gelegd worden met het Stade de France. Of de politie daar geloof aan hecht, is maar te betwijfelen.

Dit is de weg die Abrini aflegde van Brussel naar Syrië en terug, met heel wat tussenstops.

Spot met veiligheid in België
Abrini vertelt in zijn verhoren uitvoerig hoe hij en Salah Abdeslam als meest gezochte terroristen van Europa maanden lang uit handen van politie en gerecht konden blijven.  Ze verplaatsten zich van het ene schuiladres naar het andere. Zonder opgemerkt te worden.

“Na de aanslagen in Brussel leerde ik een vrouw kennen in een café, waar ik een tijdje verbleef. Tijdens de dag rustte ik gewoon uit in een park in Vorst. Weet u, een internationaal aanhoudingsbevel, gezocht worden enzovoort, dat wil niets zeggen. Ik passeerde elke dag voorbij militairen, politieagenten. Niet met bedekt gezicht, maar met een pet op.”

“Beveiliging aan de grenzen kan nooit een aanslag tegenhouden. Het zijn gewoon de politici die aan de mensen willen wijsmaken dat ze hen beschermen, maar er is gewoon geen beveiliging. Ze heeft nooit bestaan eigenlijk.”

Tot echte grote bekentenissen over zijn rol in de aanslagen in Parijs komt het in de eerste verhoren niet. Abrini zegt wel dat hij wist dat er aanslagen werden voorbereid, maar zegt zelf niets te hebben gedaan. Op een bepaald moment kon hij naar eigen zeggen ook niet meer weg uit het netwerk. Hij zegt zelfs spijt te hebben dat hij zich zo heeft laten meeslepen. "Ik ben niet de man om mezelf op te blazen of mensen neer te schieten", maar dan zegt hij wel: "De slachtoffers die gevallen zijn, waren eigenlijk al veel vroeger ten dode opgeschreven, namelijk het moment dat Frankrijk de oorlog verklaarde aan Islamitische Staat."