"Ie is plosj veu elke ket"

Het meertalig Brussels dichterscollectief schreef een gedicht over onze hoofdstad, 'Brussel, vochtig amalgaam'. Het wordt gebracht door Geert Van Istendael. Het gedicht wil meegeven dat in Brussel plaats is voor iedereen.

Van Istendael bracht het meertalige gedicht op de Nationale Hulde voor de slachtoffers van 22 maart in het metrostation Maalbeek en op de luchthaven van Zaventem. Die dag verloren 32 mensen bij bomaanslagen op twee plaatsen. De aanslagen werden opgeëist door de terroristische organisatie IS.

Dit is het integrale gedicht:

waar leegstand braakland afbraak een gewoonte is
een tram rijdt van noord naar zuid
in de bedding van een rivier
waar kauwgum met zwarte stippen
de vloerbekleding is:

       I love you and I love you not
       City of humid amalgam
       The strict beauty of new buildings
       And the disdain on the ugliness of ruins
       The acid sadness of the deprived
       And the salvage opulence of the powerful

Saint Michel, patron de Bruxelles,
protège tous ses habitants,
étends sur chacun d’eux tes ailes
qu’ils soient francophones, flamands,
congolais, maghrébins, que sais-je:
sous les peaux de toutes couleurs
qu’il fasse beau temps ou qu’il neige
du même rouge sont les cœurs.

       I love you and I love you not
       On the infinite nights inclined to insomnia
       Hidden chaos in cosmic order
       The centre of the hurricane and the tornado
       In the cyclic solitude of avenues

Bruxelles, ma ville,
nous rend fertiles, vous rend fécondes,
A chaque instant en ce monde, Bruxelles, on la sonde,
Zone d’ouverture aux multiples dangers,
On a fait de Bruxelles capitale: notre Tanger
Je sais que ça doit souvent en déranger,
On n’est pas seuls à se sentir étrangers,
Dans ce triste climat d’insécurité,

       I love you and I love you not
       Burning tears and repeated whispers
       Ancestral dreams of blind beetles
       Marching at the tectonic rhythm of the plates
       The angry eyes of the inquisitive
       Throwing glances like darts.

Saint Michel, quand là-haut t’arrivent
tous les accents, tous les patois
fais qu’à Bruxelles chacun vive
le plaisir d’être bruxellois.