Dossier Aanslagen Brussel

Slachtoffers terreur krijgen eigen statuut

Slachtoffers van terreuraanslagen kunnen binnenkort rekenen op een statuut dat vergelijkbaar is met dat van oorlogsslachtoffers. Ze krijgen daardoor makkelijker toegang tot een vergoeding, een gegarandeerd pensioen en de terugbetaling van medische kosten. De Kamercommissie Justitie zette dinsdag alvast het licht op groen.

De bevoegde ministers Maggie De Block (Open Vld), Koen Geens (CD&V) en Steven Vandeput (N-VA) kondigden de aanpassingen eind vorige maand al aan, dag op dag een maand na de aanslagen in Brussel. Een reeks amendementen op een wetsvoorstel van MR uit 2014 maakte dat snel vooruitgang geboekt kon worden.

Naast het statuut voor terreurslachtoffers en de bijhorende voordelen trekt de tekst de plafonds op voor de noodhulp waar slachtoffers en nabestaanden aanspraak op kunnen maken in afwachting van een statuut van nationale erkenning.

De regering verzekerde bovendien dat de hulp ook mogelijk zal zijn voor Belgen die in het buitenland slachtoffer zijn van terreur. Door daarbij tot drie jaar terug te gaan in de tijd, zullen bijvoorbeeld ook Belgische slachtoffers van de aanslagen in het Tunesische Sousse een verzoek tot ondersteuning kunnen indienen.

Tot slot wordt ervoor gezorgd dat bij terreurdaden geen vonnis meer nodig is van de rechter om aanspraak te kunnen maken op hulp. En het slachtofferfonds wordt gevraagd om op eenvoudige aanvraag een forfaitair voorschot toe te kennen aan de gehospitaliseerde slachtoffers en de naasten van de overledenen.