Radicalisering in cel jaren genegeerd

De Staatsveiligheid volgt het probleem van de radicalisering in onze gevangenissen nog maar twee jaar echt op, terwijl er al in 2006 een protocolakkoord werd afgesloten met het gevangeniswezen om de radicalisering in de gaten te houden. Dat blijkt uit een rapport van toezichthouder Comité I, dat is ingediend in het parlement en dat De Tijd kon inkijken.

Het akkoord werd zo lang verwaarloosd omdat de dienst zelf in rapporten besloot dat het gevaar voor moslimextremisme in onze gevangenissen "eerder beperkt was". Het Comité I betwijfelt of die conclusie wel terecht was want de Staatsveiligheid baseerde zich daarvoor vooral op studies uit het buitenland en minder op wat er zich concreet afspeelde in onze gevangenissen. 

Pas in 2011 zou het besef gekomen zijn dat het terrorisme en extremisme wel prioritair moet worden aangepakt. Vanaf augustus 2014 is de Staatsveiligheid begonnen fiches op te stellen voor elke gevangene die op de terrorismelijst staat van het gevangeniswezen, waarop momenteel 60 namen staan. Bovendien hebben 170 leden van Staatsveiligheid nu toegang tot de databank van het gevangeniswezen en werd vorig jaar een cel "radicalisering in de gevangenissen" opgericht. 

Hoewel zowel de Staatsveiligheid als de gevangenissen nu tevreden zijn over de samenwerking, is het protocolakkoord uit 2006 volgens het Comité I achterhaald en aan vernieuwing toe.