Dossier Aanslagen Brussel

24 van 31 slachtoffers geïdentificeerd

Er worden op zaterdagmiddag nog 101 gewonden verzorgd op 33 verschillende ziekenhuissites in België en Frankrijk. Van 28 te identificeren overledenen zijn tot nu toe 24 mensen geïdentificeerd. Dat is zaterdagmiddag gezegd op een druk bijgewoonde persconferentie in het Crisiscentrum.

Onder de 101 gewonden slachtoffers van de aanslagen op Brussels Airport in Zaventem en het metrostation Maalbeek zijn nog 62 patiënten op intensieve zorgen. De 39 overige patiënten krijgen op andere afdelingen de best mogelijke zorgen. Onder de 101 overblijvende gehospitaliseerden zijn er 32 slachtoffers zwaar verbrand. Zij worden opgevangen in gespecialiseerde brandwondencentra over heel België waar experten hen aangepaste zorgen geven.

Deze patiënten zullen later ook intensief begeleid worden tijdens de lange revalidatieperiodes. Voor psychologische nazorg worden de Vlaamse patiënten verwezen naar de CAW's (www.caw.be) en het nummer 078 150 300 of Tele-onthaal. In het Brussels Gewest en in Wallonië mogen slachtoffers contact opnemen met Télé-Accueil (107) en bij de dienst slachtofferhulp van de politie Brussel die hen zal begeleiden naar de meest aangewezen dienst slachtofferhulp van de lokale politie.

Wat de overledenen betreft, zei Ine Van Wymersch van het parket van Brussel dat er op de twee plaatsen van aanslagen, op de luchthaven en in het metrostation, in totaal 31 lichamen werden geborgen. Daaronder ook de daders van de aanslagen. "Intussen zijn 24 mensen geïdentificeerd", aldus Van Wymersch. "Het gaat om 14 slachtoffers van de aanslag op Zaventem en 10 slachtoffers van de aanslag in Maalbeek. Het gaat bij de 24 geïdentificeerden om mensen van acht verschillende nationaliteiten."

Peter Dewaele van de federale politie zei dat de verwondingen soms heel erg waren en dat dit gegeven het ook moeilijk maakte om snel tot identificatie te komen. "Bovendien wil het Disaster Victim & Identification team (DVI) pas naar buiten komen met identificaties als die procent zeker zijn", aldus de woordvoerder van de politie.

"Bij deaanslagen in Parijs waren er vergissingen en moesten de autoriteiten aan nabestaanden die ze hadden ingelicht over het overlijden van een familielid 's anderendaags hun excuses aanbieden, omdat ze zich vergist hadden. Dit soort fouten willen we vermijden. Naast een visuele identificatie moet er ook een wetenschappelijke identificatie zijn van de overledenen, alvorens we erover communiceren."

Buitenlandse families op de hoogte
Buitenlandse Zaken is volop in de weer om de families van de niet-Belgische slachtoffers op de hoogte te brengen. Bij de aanslagen kwamen onder andere drie Nederlanders, een Peruaanse vrouw en een Chinees om het leven. De ambassades van de betrokken landen zijn op de hoogte gebracht.