Dossier Aanslagen Brussel

"Broers El Bakraoui vertoonden goed gedrag"

De geschiedenis van de broers El Bakraoui in aanloop naar de aanslagen in Brussel was "niet zo negatief als dezer dagen wordt voorgesteld". Dat heeft minister van Justitie Koen Geens vrijdag in de Kamer gezegd. De minister wees met name op de manier waarop ze zich toch enige tijd aan de voorwaarden van hun voorwaardelijke invrijheidsstelling hielden.

"Ik wil toch zeggen dat het niet valt uit te sluiten dat, indien iedereen volmaakt was geweest, een aantal zaken anders hadden kunnen lopen. Maar dat hun geschiedenis toch niet zo negatief is als dezer dagen wordt voorgesteld", zo verklaarde Geens. Heel wat elementen in het parcours van de broers Bakraoui wezen volgens de minister allerminst op enige vorm van radicalisering.  

Goed gedrag na vrijlating
Het staat buiten twijfel dat de broers zware criminelen waren. Ze zijn allebei veroordeeld voor gewapende overval in bende, Ibrahim tot tien jaar en Khalid tot vijf jaar cel. In het geval van Ibrahim werd ook met kalasjnikovs op de politie gevuurd.

Na zijn voorwaardelijke invrijheidsstelling werkte Ibrahim - die in de zomer van 2015 werd opgepakt aan de Turks-Syrische grens - "redelijk goed mee" met het justitiehuis dat hem. In de maanden voorafgaand aan zijn vrijlating had hij al zes keer een uitgangsvergunning gekregen en elk van de uitstapjes was "correct" verlopen.  Ook de periode onder elektronisch toezicht in 2014 verliep volgens Geens "vlekkeloos". Uiteindelijk werd hij na bijna de helft van zijn straf onder voorwaarden vrijgelaten. 

Broer Khalid heeft vier vijfde van zijn straf van vijf jaar ondergaan, merkte Geens voorts op. Een deel daarvan onder elektronisch toezicht. Na zijn voorwaardelijke invrijheidstelling was hij wel tegen de lamp gelopen in aanwezigheid van een ex-gedetineerde, wat niet mocht. Khalid werd daarop even opgepakt, maar na drie dagen weer vrijgelaten, "want hij leefde de andere voorwaarden wel na en volgens het justitiehuis was de reclassering goed aan het verlopen". 

“Er zijn dingen fout gelopen”
"Er zijn dingen fout gelopen, maar ik blijf de mensen bij gerecht en veiligheidsdiensten verdedigen", had Geens even voordien al beklemtoond. Hij merkte ook op dat de seining en opvolging van Ibrahim en Khalid op "een ordentelijke manier" zijn gebeurd. "Uiteraard moeten we controleren of alle beschikbare info naar behoren is verwerkt en gedeeld." Geens onderstreepte nog dat het erg ongebruikelijk is dat een justitieminister zodanig in detail treedt over concrete dossiers. "Als ik die details geef, is dat geenszins omdat ik de correctheid van de strafuitvoeringsrechtbank in twijfel zou trekken, dat is in geen geval het geval", aldus de CD&V'er.