Aantal leefloners nooit zo hoog

Het aantal mensen in België met een leefloon heeft vorig jaar een nieuw hoogtepunt bereikt. Maandelijks hebben in 2015 gemiddeld 115.137 mensen aangeklopt bij het OCMW. Dat zijn er 12,4 procent meer dan in 2014. Vooral het aandeel 18- tot 24-jarigen onder de leefloners - bijna een op de drie - is zorgwekkend, maakt de programmatorische overheidsdienst Maatschappelijke Integratie (POD MI) vrijdag bekend.

De POD MI berekende het aantal leefloners op basis van de eerste tien maanden van 2015 en zag dat het om de grootste toename van de leefloonpopulatie gaat sinds de invoering van de nieuwe leefloonwet in 2002. De stijging van het aantal leefloners is in alle gewesten merkbaar: 

  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 32.688 (+8,6 procent)
  • Vlaanderen 27.035 (+9,4 procent) 
  • Het Waals gewest 55.414 (+16,5 procent)

Hervorming
De sterke toename kan niet enkel meer toegeschreven worden aan de gevolgen van de financiële en economische crisis, luidt het in een persbericht. Ook de hervorming van de werkloosheidsreglementering - het wegvallen van de inschakelingsuitkering sinds 1 januari 2015 - "heeft een grote impact op de leefloonpopulatie".

18- tot 24 jaar
En dat blijkt uit het aandeel van de 18- tot 24-jarigen. Hun aantal nam toe met 8,7 procent en deze leeftijdscategorie was in 2015 goed voor 30,7 procent van het aantal leefloners. Uit de recentste cijfers van de Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling (RVA) blijkt dat er vorig jaar 29.155 mensen hun recht op een inschakelingsuitkering verloren.

Vluchtelingencrisis
De POD MI verwacht dat de cijfers in 2016 nog hoger zullen liggen door de impact van de vluchtelingencrisis. De eerste cijfers leren dat er vorig jaar 5,7 procent meer subsidiair beschermden waren dan het jaar voordien. Momenteel ontvangen elke maand gemiddeld 2.203 erkende vluchtelingen een leefloon.

Meer vrouwen dan mannen
Uit de jaarcijfers filterde de POD voorts het verschil tussen mannen en vrouwen. Daaruit blijkt dat vrouwen nog steeds meer vertegenwoordigd zijn onder de leefloners (53,7) procent dan mannen (46,3 procent). En dit brengt grote armoederisico's met zich mee, want bijna negen op de tien vrouwen die er alleen voor staan, heeft een gezin ten laste. 

Ondersteuning
Door de werkloosheidsval voor vrouwen - ze houden meer over als ze niet werken - blijven ze ook veel langer afhankelijk van het OCMW dan mannen. Deze cijfers benadrukken het belang van ondersteuning van projecten zoals MIRIAM bij het OCMW die speciaal gericht zijn om de ondersteuning van alleenstaande moeders, besluit het persbericht.