Schutter Joods Museum komt niet vrij

Mehdi Nemmouche, de vermoedelijke verdachte van de schietpartij in het Joods Museum in Brussel op 24 mei 2014, blijft nog minstens één maand langer in de cel. De advocaten van Nemmouche hadden thans om zijn vrijlating gevraagd, maar volgens de rechter van de Brusselse raadkamer raakten de argumenten van de verdediging kant noch wal. 

De advocaten baseerden zich voor hun vraag op de tweede 'Potpourri-wet' van minister Koen Geens, die op 5 februari werd gestemd. Die voorziet dat misdrijven in principe voor de correctionele rechtbank behandeld moeten worden en dat enkel zeer zware misdrijven voor het hof van assisen behandeld moeten worden. Door de nieuwe wet moeten verdachten in afwachting van hun proces elke maand voor de raadkamer verschijnen en niet meer om de drie maanden. Volgens de advocaten was dat bij Nemmouche niet gebeurd en moest hij in februari voor de raadkamer verschijnen. Daarom eisten zij de onmiddellijke vrijlating van hun cliënt. 

De rechter oordeelde echter dat de argumenten van de advocaten "kant noch wal raakten". Nemmouche blijft daardoor minstens één maand langer in de cel. Hij wordt ervan verdacht dat hij op 24 mei 2014 vier mensen neerschoot in het Joods Museum in Brussel. Drie slachtoffers overleden ter plaatse, een vierde stierf later in het ziekenhuis. Het federaal parket beschouwt de daad als een terreuraanslag. 

Bekijk ook: