Dossier Vluchtelingencrisis

Minder dotatie bij weigering asielzoekers

Gemeenten die blijven weigeren voldoende opvangplaatsen voor asielzoekers te voorzien in het kader van het spreidingsplan, zullen op een bepaald moment als straf minder dotatie vanuit het federale niveau krijgen. Dat heeft staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) aangekondigd. Hoe dat precies in zijn werk gaat, moet nog in de schoot van de regering worden besproken.

Francken kreeg in de bevoegde Kamercommissie verschillende vragen over het spreidingsplan voor asielzoekers, waarover de ministerraad het vrijdag eens raakte. Het gaat over de verdeling van 5.000 asielzoekers. Normaliter zullen de verschillende gemeenten rond 1 mei weten welke inspanning van hen wordt verwacht. Nadien krijgen ze zes of zeven maanden de tijd om de plaatsen te zoeken. Plaatsen die sinds 1 december 2015 werden gecreëerd, worden volledig mee in rekening genomen.

Goede wil 
De staatssecretaris herhaalde dat gemeenten die hun cijfer niet halen, maar kunnen aantonen dat ze al het mogelijke hebben gedaan, eventueel wat extra tijd kunnen krijgen. Als Fedasil echter oordeelt dat sprake is van onwil, dan moeten ze 75 euro per dag betalen per plaats die niet werd voorzien. Dat is het dubbele van de dagprijs die gemeenten van de federale overheid krijgen voor de creatie van een opvanginitiatief. Voor lokale besturen die echter weigeren die boete te betalen, wil de regering geen gerechtelijke stappen nemen, maar werkt ze aan een systeem waarbij de regering geld zal inhouden op een federale dotatie aan die gemeenten.

De staatssecretaris beseft dat het om een gevoelig punt gaat dat nog moet worden besproken, maar verwacht dat het mechanisme tegen de zomer rond zal zijn. Overdreven veel haast is daarmee niet gemoeid, want de sanctie moet pas tegen begin 2017 op poten staan.