Prins Laurent op skireis met dotatie

Kassatickets van de Colruyt, het schoolgeld van zijn kinderen, zelfs een skireis: prins Laurent heeft voor duizenden euro's privé-uitgaven ingegeven als onkosten, bij de verantwoording van zijn dotatie. Het Rekenhof heeft daarover een vernietigend rapport ­geschreven, staat vandaag in De Standaard en Het Nieuwsblad. N-VA wil de dotatie van prins Laurent over een periode van vijf jaar laten uitdoven. 

Laurent ontvangt jaarlijks ruim 300.000 euro van de staat: deels als loon, deels als beroepskosten om zijn werk als prins naar behoren te kunnen uitoefenen. Over die tweede categorie heeft het Rekenhof nu kritische opmerkingen. Het weigert een reeks onkostennota's te aanvaarden als werkingskosten, aldus de krant.

"Explosief dossier"

Over welk bedrag het precies gaat, is niet duidelijk. De doorlichting wordt straks overgemaakt aan het parlement. Bronnen in de Wetstraat spreken over "een explosief dossier".

De leden van de koninklijke familie hebben dit jaar voor het eerst een jaarverslag moeten indienen ter verantwoording van hun dotatie. Op de dossiers van koning Albert (900.000 euro dotatie) en prinses Astrid (300.000 euro) had het Rekenhof geen noemenswaardige opmerkingen. 

N-VA: "Surrealistisch"

N-VA-kamerleden Veerle Wouters en Hendrik Vuye stellen voor om de dotatie van prins Laurent over een periode van vijf jaar te laten uitdoven. Dat zeggen ze in een reactie op een rapport van het Rekenhof over de dotatie van de prins. Wouters vindt het "surrealistisch" dat de prins overheidsgeld als zijn persoonlijke eigendom behandelt. "Hoeveel fratsen van Laurent moeten we nog ondergaan?", vraagt ze zich af. N-VA-kamerlid Vuye noemt de dotatie een persoonlijke gunst, louter en alleen omdat hij koningskind is. "In werkelijkheid oefent Laurent geen enkele functie uit binnen de Belgische staat", argumenteert hij.

Wouters en Vuye pleiten voor een wetswijziging en het voorzien van duidelijke sancties bij misbruik. In afwachting verwachten ze dat prins Laurent de oneigenlijk gebruikte overheidsgelden terugstort. Zoniet gaat het volgens Wouters en Vuye over "ongerechtvaardigde verrijking".