Mannen zijn grootste snelheidsduivels

Vooral mannen en jongeren geven toe dat ze af en toe snelheidsovertredingen begaan. Dat blijkt uit een bevraging die het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV) organiseerde. Federaal minister van Mobiliteit Jacqueline Galant (MR) stelde de resultaten vanmiddag voor op het Circuit van Zolder. De minister stapte zelf op het circuit mee in een auto om aan te tonen dat te hoge snelheid leidt tot langere remafstanden en dus ook tot meer verkeersslachtoffers.

Gemiddeld worden er in ons land 9.166 voertuigen per dag geflitst. Dat mag volgens het BIVV niet verbazen, aangezien 94 procent van de chauffeurs toegeeft wel eens te snel te rijden. Vooral in de schoolomgevingen (zone 30) lapt 90 procent van de ondervraagden de snelheidsbeperking soms aan zijn laars. Alleen op wegen waar maximaal 90 kilometer per uur mag worden gereden en op de autosnelwegen zijn er meer chauffeurs die zich aan de limieten houden dan zij die wel eens durven zondigen.

De indeling naar leeftijdsgroepen leert dat vooral bestuurders tussen 18 en 29 jaar af en toe te snel rijden. De ouderen (+63 jaar) rijden in alle zones het minst vaak te snel. Op de snelwegen is de groep van overtreders het grootst tussen 30 en 38 jaar. Mannen zijn de grootste snelheidsduivels, en dit in alle snelheidszones. Op de snelweg is het verschil tussen mannen en vrouwen het grootst. Maar op plaatsen waar je maximaal 30 kilometer per uur mag rijden, doen de dames het bijna even slecht.

Minister van Mobiliteit Galant wil met campagnes en controles het aantal overtredingen terugdringen. "Het doel van de snelheidscontroles is niet om de staatskas te vullen, maar om het aantal pv's, en dus ook het aantal verkeersslachtoffers te verminderen", aldus de minister.