Nooit minder vogels met olie besmeurd

Sinds het begin van de tellingen in 1962 zijn nog nooit zo weinig met olie besmeurde dode vogels aangetroffen op de Belgische stranden. in de beginjaren van de tellingen was meer dan 60% van de vogels met olie besmeurd, de laatste jaren is dat minder dan 20%. Ook het aantal vogels dat dood wordt aangetroffen daalt sterk. Dat blijkt uit een recent rapport van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO)

Een bepaalde zeevogel, de zeekoet, is bijzonder gevoelig voor olievervuiling, en wordt daarom internationaal als een indicator gebruikt. Eric Stienen, onderzoeker bij het INBO: “De OSPAR conventie legt vast dat men van een goede milieukwaliteit van de Noordzee kan spreken als minder dan 10% van de zeekoeten besmeurd is met olie. Dat is nu 15%, in de jaren 60 was het gemiddeld 99%. De Kaderrichtlijn Mariene Strategie legt 20% als maximum op.”

Minder olie geloosd

De afname van het aantal gevonden olievogels wijst naar alle waarschijnlijkheid niet op een algemene daling van het aantal zeevogels. Het aantal niet-besmeurde dode vogels blijft immers vergelijkbaar met vroeger. Het lijkt meer een indicatie te zijn dat er alsmaar minder olie wordt geloosd in de Noordzee waardoor er steeds minder zeevogels in de problemen komen. Dit laatste bevestigen ook de tellingen van olievlekken voor onze kust. Die tellingen gebeuren wel pas sinds 1991.

Ook bij onze noorderburen werd een sterke daling van het aantal olielozingen vastgesteld, die net zoals in België gepaard gaat met een significante afname van het aantal met olie besmeurde zeevogels.