Verblijfsvergunning vragen kost tot €215

Het aanvragen van een verblijfsvergunning voor ons land kost voortaan 160 tot 215 euro per persoon, afhankelijk van het type aanvraag. Minderjarigen worden vrijgesteld en langdurig ingezetenen betalen 60 euro per persoon. Dat heeft staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) vandaag bekendgemaakt na afloop van de ministerraad.

De mogelijkheid om een retributie te heffen werd al eerder ingevoerd via de programmawet van 19 december 2014. Vandaag heeft de ministerraad het koninklijk besluit met concrete bedragen goedgekeurd. "De retributie bestaat in heel wat Europese landen, maar is een primeur voor ons land", onderstreept Francken. Hij hoopt op een ontradend effect dat met name het aantal oneigenlijke regularisatieaanvragen zal doen dalen. "Mensen die geen aanspraak maken op deze procedure zullen twee keer nadenken vooraleer deze aan te vatten", aldus de staatssecretaris.

Concreet kost een aanvraag tot gezinshereniging en een verblijf als student voortaan 160 euro per persoon, terwijl voor aanvragen tot regularisatie en arbeidsmigratie 215 euro moet worden neergeteld. Kwetsbare groepen zoals kandidaat-vluchtelingen, niet-begeleide minderjarige vreemdelingen en vreemdelingen die een regularisatie aanvragen om dringende medische redenen worden vrijgesteld. Francken spreekt van een "billijke vergoeding voor de administratieve kosten die voortvloeien uit de behandeling van zijn of haar dossier" en schat de totale opbrengst op 9 miljoen euro. Geld dat volgens hem "een correct en efficiënt migratiebeleid" zal helpen realiseren.

Op de plannen kwam eerder al heel wat kritiek. In zijn persbericht onderstreept Francken dan ook meermaals dat de praktijk al in verschillende Europese landen bestaat, inclusief vergelijkende tabel. Daaruit moet blijken dat de bedragen onder meer lager liggen in Duitsland, Luxemburg en Zweden, maar hoger in Nederland, Frankrijk, Finland en Groot-Brittannië.