Wesphael naar KI Gent voor doodslag

De Brugse raadkamer heeft Bernard Wesphael (56) naar de Gentse Kamer van Inbeschuldigingstelling (KI) verwezen op verdenking van doodslag op zijn vrouw Véronique Pirotton. Tijdens het onderzoek werden de feiten eerst als moord gekwalificeerd. De KI kan de zaak dan binnenkort naar het hof van assisen verwijzen.

Parket: "Geen zelfmoord"

Wesphael en zijn echtgenote verbleven donderdagavond 31 oktober 2013 in een hotel in Oostende. Volgens de medeoprichter van de Franstalige partij Ecolo kreeg het paar ruzie, waarna het tot een kort handgemeen kwam. Wesphael ging slapen en trof zijn vrouw naar eigen zeggen dood aan in de badkamer.

De Luikenaar was er van overtuigd dat Pirotton zelfmoord had gepleegd. Volgens het parket houdt die stelling geen steek. De tegenexperten van de verdediging oordeelden dat de gerechtsdeskundige te weinig rekening had gehouden met de combinatie van medicatie en alcohol in het lichaam van het slachtoffer.

Doodslag in plaats van moord 

Op 26 augustus 2014 werd Wesphael na bijna tien maanden voorhechtenis door de Gentse KI onder voorwaarden vrijgelaten. Op het einde van het onderzoek herkwalificeerde het parket de feiten van moord naar doodslag.

De raadkamer heeft die vordering gevolgd. De Waalse politicus was zelf niet aanwezig op de zitting van de raadkamer.

Proces waarschijnlijk voor assisen in Bergen 

Binnenkort zal Bernard Wesphael voor de KI in Gent verschijnen. Daar zal de verdediging dan de verwijzing naar het hof van assisen in Bergen vragen, zodat Wesphael berecht wordt door een Franstalige rechtbank.

"De voorzitter heeft mondeling meegedeeld dat de zaak verwezen wordt naar de KI", aldus meester Tom Bauwens, raadsman van de verdachte. "Iedereen is tijdens de zitting bij zijn standpunt gebleven. De voorzitter volgt de vordering van het OM voor doodslag."

Toch voorbedachten rade? 

De burgerlijke partijen sluiten nog niet uit dat er toch sprake was van voorbedachten rade. "Er zijn absoluut elementen die in die richting wijzen, maar de antwoorden daarop kennen we zelf ook niet", zegt meester Diëgo Smessaert. "Die vraag over de voorbedachtheid kan zeker nog behandeld worden voor het hof van assisen. De zoon van het slachtoffer wil vooral weten wat er in die anderhalve dag exact met zijn moeder is gebeurd. Dat is belangrijker dan de kwalificatie moord of doodslag."